Energie(ke) verwarring

| 1 oktober 2020

Het wordt spannend. Vandaag moeten de dertig energieregio’s hun Regionale Energiestrategie (RES) bij het kabinet hebben ingeleverd. In dat document geven de regiobesturen aan op welke manier ze duurzame stroom willen gaan opwekken. Hun visie op duurzame warmte volgt gek genoeg pas in 2021 hoewel in de praktijk beiden nauw met elkaar samenhangen. Of alle beloofde zonnevelden en megawindturbines uit de RES ook daadwerkelijk worden gebouwd, is onzeker. Op het ‘bod’ aan het kabinet volgen nog de gebruikelijke inspraakronden voor de bouw van al die nieuwe stroomopwekkers en dat kan wel eens lastig worden. Nu de contouren van de immense opgave bij burgers langzaamaan duidelijk worden, groeit ook het verzet.

‘Nu de contouren van de immense opgave bij burgers langzaamaan duidelijk worden, groeit het verzet’

Je kunt dat verzet als bestuurder afdoen als NIMBY-gedrag en natuurlijk zijn er veel bewoners die niet op een zonneweide of molen in hun achtertuin zitten te wachten. Maar op veel locaties speelt er meer. Zo zijn sommige regio’s door milieuwetgeving planologisch zo dichtgetimmerd dat alleen Nationale Landschappen of cultuurhistorisch waardevolle gebieden overblijven om zonneparken of windmolens neer te zetten. Een zwaktebod dat duidelijk maakt hoe weinig beschermd dit soort plekken in de praktijk zijn.  

Het helpt ook niet dat er ieder half jaar weer een nieuw alternatief voor al die zonneweiden en windvangers wordt gelanceerd. Zo zullen tegenstanders van molens en PV-panelen dankbaar wijzen op een nieuw rapport over kernenergie dat minister Wiebes onlangs naar de Tweede Kamer stuurde. Onderzoekers concluderen daarin dat deze CO2-vrije energievorm niet veel duurder uit hoeft te pakken dan zon- en windenergie als alle infrastructuurkosten meegerekend zouden worden. Het kabinet draagt zelf zijn steentje bij aan de verwarring over onze toekomstige energievoorziening. Zo publiceerde ze afgelopen zomer een ambitieuze marsroute voor de inzet van waterstof in de transportsector en industrie. Dat voor het maken van deze energiebron erg veel groene stroom nodig is – bijna dertig procent van ons huidige energieverbruik – vergat ze er alleen bij te vertellen. Het was ook niet verwerkt in het Klimaatakkoord.

‘Het kabinet draagt zelf zijn steentje bij aan de verwarring over onze toekomstige energievoorziening’

De meeste burgers duizelt het inmiddels door alle hele en halve waarheden uit al die rapporten en visies. Hun gevoel dat de energietransitie hen vooral heel veel geld kost en niet uit kan, werd onlangs bevestigd door pessimistische berekeningen van het PBL over de lange terugverdientijd van alternatieve energiebronnen. Ik was daarom niet verbaasd toen mijn vader onlangs voor het verwarmen van zijn huis opnieuw een op gas gestookte CV-ketel koos nadat zijn vorige exemplaar het had begeven. Hij had wel naar warmtepompen gekeken die op groene stroom draaien. Maar zonder helder toekomstperspectief en financiële incentives kies je uiteindelijk toch voor een techniek die je al kent en zijn nut heeft bewezen. Er is één troost: de huidige generatie CV-ketels is een stuk zuiniger dan die van twintig jaar terug.

@jaco_boer