Prognose: 17 of 22 miljoen inwoners in 2050?
Bevolkingspolitiek als verkiezingsthema

| 9 juli 2020

Wie denkt dat de toekomstige bevolkingsontwikkeling voor prognosemakers vaststaat en het beleid rustig achterover kan leunen komt bedrogen uit. Volgens het nieuwste rapport van het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI) en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) kan het aantal inwoners over dertig jaar namelijk uitkomen op 17 miljoen maar net zo goed op 22 miljoen. Vooral de mogelijkheid van 22 miljoen inwoners is opmerkelijk. Het zou een open zenuw moeten raken in het licht van de splijtzwammen in de samenleving die samenhangen met woningtekorten, verkeerscongestie, drukte in de steden, milieuproblematiek of integratie. 

De uitersten: krimp of groeistuipen

Op verzoek van de Tweede Kamer zijn door het NIDI en het CBS mogelijke ontwikkelingen in omvang en samenstelling van de bevolking tot 2050 in kaart gebracht. In het rapport zijn vooralsnog alleen demografische uitkomsten gepresenteerd. Later in het jaar wordt dat aangevuld met sociale aspecten.

Het rapport met de gedecideerde titel Bevolking 2050 in beeld: drukker, diverser en dubbelgrijs toont aan de hand van zeven varianten naast de gangbare prognose wat ons land demografisch te wachten kan staan. De variatie in uitkomsten is gebaseerd op verschillende combinaties van veronderstelde ontwikkelingen in geboorten, immigratie en levensduur.

Als er de komende decennia relatief weinig kinderen worden geboren, de levensverwachting niet of nauwelijks stijgt, en het jaarlijks migratiesaldo terugvalt naar circa 16 duizend, dan zal het nauwelijks drukker worden in het land. Dat is de krimpvariant.

Het andere rekenkundige uiterste komt in beeld als het statistisch model wordt gevoed met hoge cijfers. Uitgaande van relatief meer geboorten, een langere levensduur en dat er jaarlijks per saldo ruim 90 duizend immigranten bijkomen, kan het inwonertal in dertig jaar richting 22 miljoen stijgen. 

‘Migratie gaat het verschil maken’

De belangrijkste motor achter de vraag of we te maken krijgen met krimp of met groeistuipen is volgens de onderzoekers migratie. ‘Migratie heeft een grotere invloed op de bevolkingsgroei dan kindertal en levensverwachting.’  In de afgelopen jaren is dat overigens ook het geval geweest. Met een gemiddeld jaarlijks migratiesaldo van bijna 90 duizend in de periode 2016-2019 was de bevolkingsgroei vooral voor de woningbouw nauwelijks bij te benen.   

Diverser qua roots

De sterkste groeivariant is meteen ook de grootste diversiteitsvariant. Bij een aanhoudend migratiesaldo van circa 90 duizend nieuwkomers zullen er over dertig jaar ruim acht miljoen inwoners zijn met andere roots dan de 13, 4 miljoen inwoners met een Nederlandse achtergrond.

Een belangrijk deel van de nieuwkomers zullen roots hebben in Afrika, het Midden-Oosten, Oost-Europa en andere delen van de wereld. Hoe zal dat uitwerken op de diversiteitsdiscussie? Opmerkelijk is dat de berekeningen niet verder gaan dan 2050, zodat nog niet zichtbaar wordt wanneer bij deze groeivariant een break-even point voor inwoners met en zonder migratie achtergrond zou worden bereikt.

Hebben we ook voor demografie een ‘dashboard’ nodig?

De uitkomsten vormen als het ware een keuzewaaier. Wie door het woud aan cijfers naar de essentie zoekt, zal ontdekken dat de demografische toekomst van Nederland afhankelijk is van migratie. Dat is blijkbaar de bepalende factor en de belangrijkste knop om aan te draaien. De berekende varianten zijn immers geen verplichtende ontwikkelingen. Het zijn vooral schetsen van bevolkingstrends die zich kunnen voordoen zonder bijsturing door beleid.

Bovendien kan de trend zomaar omslaan. Zo is in de afgelopen maanden de migratie vrijwel tot stilstand gekomen. Met het dreigende economisch onweer zal het geboortecijfer waarschijnlijk wegzakken en zal de bevolkingsgroei haperen. Bijsturing vereist actuele monitoring. Het dashboard idee zou goed passen.

De belangrijkste vraag blijft echter hoe vol, druk en divers wij het zouden willen hebben. Wat zien de mensen in het land als de toekomst van dit land? Die toekomst wordt vooral bepaald door de knop migratie en iets minder door de knoppen nakomelingen en levensduur. Genoeg te doen voor de politici.

Verkiezingen 2021:  kans op politieke visie?

De onzekerheid in uitkomsten van het rapport biedt het ideale momentum voor politici om hun standpunten te verduidelijken. Bevolkingspolitiek wordt een issue bij de aanloop naar de verkiezingen. Wat zien de verschillende partijen als behapbare bevolkingsomvang in 2050: 17 miljoen, 22 miljoen, iets daartussen? Of kiest men voor een ‘ik-laat-mij-verrassen’-visie? En hoe denken ze grip te houden op de ontwikkelingen? De kiezer smacht naar een antwoord.