Burgemeester Leeuwarden: ‘Samenwerking City Deals zorgt voor blijvende verbinding’

| 24 oktober 2018

‘Ik geloof heel erg in City Deals, omdat ik zie wat het steden oplevert’

De City Deals gaan een volgende fase in. Tijdens de Dag van de Stad, op aanstaande maandag 29 oktober, bespreken bestuurders van de G40, VNG, Rijksoverheid en andere partners de ‘City Deals 2.0’. Nieuwe thematische City Deals en regiodeals richten zich nog meer op resultaat en sluiten meer aan bij diverse Europese projecten rondom dezelfde stedelijke vraagstukken, zoals de Europese Partnerschappen. Ferd Crone, burgemeester van Leeuwarden: ‘Het moet verder gaan dan experimenten en leiden tot een duurzame samenwerking.’

Dit is een voorproefje van het artikel ‘Samenwerking zorgt voor blijvende verbinding,’ dat op 11 november in vakblad ROm verschijnt.
ROm is gratis voor ambtenaren ruimte, infrastructuur en milieu bij de rijksoverheid, provincies, gemeenten en waterschappen. Word nu abonnee.

Ferd Crone is burgemeester van Leeuwarden en voorzitter van de G40. Hij is vanaf het eerste uur betrokken bij City Deals, een door gemeenten, Rijk en provincie ontwikkelde aanpak van stedelijke opgaven. Hij is een enthousiast pleitbezorger van de wijze van samenwerking bij deze deals.

‘City Deals zijn een innovatieve vorm van samenwerking tussen Rijk, gemeenten en maatschappelijke partners. Op basis van gelijkwaardigheid zitten deze partijen om tafel om oplossingen voor grote maatschappelijke vraagstukken in steden te ontwikkelen. Dat moet wel zeer concreet en gefocust zijn; geen nieuw beleidsproza, maar uitzoeken waar we elkaar dwarszitten. City Deals vormen, net als andere vormen van samenwerking zoals regiodeals en het interbestuurlijk programma, een krachtig nieuw instrument dat zorgt dat de verschillende overheden en maatschappelijke partners effectief samenwerken juist nu een aantal overheidstaken gedecentraliseerd zijn. Het kabinet erkent dit gelukkig ook, want de City Deals zijn als kansrijke nieuwe vorm van samenwerking benoemd in het regeerakkoord.’

Experimenteerruimte

Doet ‘uw stad’ Leeuwarden ook mee aan die City Deals?
‘Het is goed dat steden elkaar opzoeken die met elkaar hun nek willen uitsteken om belangrijke stedelijke thema’s verder te brengen en die daarin ook zelf wat te bieden hebben aan kennis en experimenteerruimte. Daarom doen wij actief mee aan drie City Deals: Voedsel op de stedelijke agenda, Inclusieve Stad en Kennis Maken. Zo heeft ons sociaal wijkteam Oud-Oost binnen de City Deal Inclusieve Stad verschillende experimenten uitgevoerd die hun vruchten hebben afgeworpen. Daarbij ging het onder meer om ontkokering in de ondersteuning van multiprobleemgezinnen: vanuit de problematiek handelen over schotten van het gemeentehuis heen.

De experimenteerruimte en de mogelijkheid om te leren van de partners in de City Deal hebben ons veel gebracht. In Leeuwarden hebben we bijvoorbeeld iemand die langdurig werkloos was aan werk kunnen helpen door hem bij te staan bij de aanschaf van een auto voor woon-werkverkeer. Iemand die leed aan chronische, arbeidsbeperkende klachten hebben we geholpen bij de vergoeding van een behandeling zodat ze weer volop aan het arbeidsproces kan deelnemen. Het zijn investeringen die zich beslist terugverdienen. Met de pilot hebben we per deelnemend gezin zo’n 9500 euro per jaar bespaard en belangrijker: we hebben vaak een cirkel kunnen doorbreken. Daarom zijn we blij dat de City Deal nu een vervolg gaat krijgen in de vorm van ‘Eenvoudig Maatwerk’ als onderdeel van het programma Sociaal Domein.’

Zijn City Deals een ‘noodoplossing’ als gevolg van de decentralisaties?
‘Beslist niet, want die decentralisatie vind ik een heel goede zaak. Steden staan veel dichter bij burgers en daarom kun je als stad veel effectiever bepaalde problemen aanpakken. Ik geloof heel erg in City Deals omdat ik zie wat het steden oplevert en omdat samenwerking heel belangrijk is. Door de verschuiving van taken in het sociaal domein, zoals de jeugd- en ouderenzorg en de werkeloosheid, hebben we veel extra taken gekregen. Dat is op zich een goede ontwikkeling, want zoals vaker betoogd, werkt een ‘one size fits all’-oplossing met wet- en regelgeving voor het hele land niet. Uitdagingen verschillen per huishouden, stad en regio, dus kun je ze daar het beste aanpakken. Maar dan wel samen. En met meer financiële armslag, want gemeenten ontvangen helaas nog steeds te weinig geld van het Rijk om die nieuwe taken echt goed aan te kunnen. Met elkaar – steden, provincie, Rijk, maatschappelijke organisaties en inwoners – kun je een deel van dat tekort opvangen met innovatieve oplossingen, maar niet alles.’