Duurzame gebiedsontwikkeling is eindelijk ‘het nieuwe normaal’

| 8 oktober 2020

Terwijl de tweede coronagolf over Nederland spoelt, gloort er perspectief in de wereld van de gebiedsontwikkeling. De wereld waarin we ook op zoek zijn naar ‘een nieuw normaal’. We zien nu dat duurzaamheid eindelijk een volwaardige plek krijgt in gebiedsontwikkelingen. De tijd van ‘greenwashing’ is voorbij.

Overal zien we dat het thema duurzaamheid ruim aandacht krijgt. Maar daarmee poppen er ook weer nieuwe vragen op, zoals hoe duurzame gebiedsontwikkeling in de praktijk uitpakt en hoe we het containerbegrip duurzaamheid werkbaar maken.

Om met de laatste te beginnen. Duurzaamheid is een containerbegrip met een positieve connotatie. Tegelijkertijd geeft iedereen er zijn eigen draai aan. Het is een kwestie van afbakenen om een valse start te voorkomen. Bij duurzame gebiedsontwikkelinggaat het in de meeste gevallen over de ontwikkeling van energie- of klimaatneutrale woon- of werkgebieden. Wat mij betreft gaat het verder dan dat. Duurzaamheid gaat over de energietransitie, klimaatadaptatie, biodiversiteit, duurzame mobiliteit, circulariteit en gezondheid. De kunst is om elk thema in bouwstenen op te knippen en het concreet te maken.

In de praktijk liggen er nog drie belangrijke drempels

De route naar een succesvolle uitvoering van een duurzame gebiedsontwikkeling is niet zonder hobbels.

We stapelen ambities. Er moet niet alleen duurzaam gebouwd worden, maar ook snel en betaalbaar. Door alle ambities en eisen te stapelen in plaats van te kiezen, komt de financiële haalbaarheid in het gedrang.

We denken te weinig na over de uitvoerbaarheid. Bij de uitwerking van de ambities blijkt dat het droombeeld van het project helemaal niet te realiseren is. Denk aan groene daken, waar men op moet kunnen recreëren, voedsel op moet verbouwen en waar zonnepanelen op moeten liggen om energieneutraal te zijn.

We maken geen goede afspraken. We vinden allen dat we duurzaam moeten bouwen, maar als puntje bij paaltje komt, hebben we vrij weinig vastgelegd. Het aantal wettelijke bepalingen groeit maar gemeenten zijn nog niet gewend om duurzame ambities te vertalen naar eisen en contracten.

Duurzaamheid vraagt om een verhaal

Wat we moeten voorkomen is dat duurzame gebiedsontwikkeling uitmondt in een compromisproject. Dat alle maatregelen bij elkaar worden gemengd als een Olvarit-hapje met een ondefinieerbare smaak en een onduidelijk verhaal. Jan Rotmans zegt het mooi in de publicatie Crisis creëert ruimte, ‘Gebiedsontwikkeling 3.0 vraagt om een ander verhaal. Een groot verhaal dat vertaald kan worden in kleine, persoonlijke verhalen.’

Door Paul den Otter, adviseur bij Over Morgen