Innovatief ontwerpproces duurzame inrichting loont

| 17 juni 2020

Duurzame ruimtelijke ontwikkeling en inrichting vragen om een integraal afwegings- en ontwerpproces. De achtergrond van de (ontwerp)procesleider moet doorspekt zijn met milieu- en/of duurzaamheidskennis. En het conceptueel ontwerp, het technisch ontwerp, het stedenbouwkundig en fysieke domein moeten in balans zijn.

Ik merk de laatste paar jaar dat dit inzicht wel ontstaat, maar dat er nog weinig praktijkvoorbeelden te zien zijn. Tegelijkertijd zie ik thema’s als klimaatadaptatie en energietransitie regelmatig als sectorale single-opgaven langskomen. De natuurlijke hang naar versimpeling om grip te krijgen op dergelijke nieuwe thema’s leidt tot deze single issue benadering. Vaak heeft het ook te maken met programmering vanuit beleid.

Echter, bij de ontwikkeling en inrichting van de openbare ruimte is het wenselijk om écht integraal te blijven werken. Dit is vreselijk moeilijk en levert serieuze uitdagingen op. Bijvoorbeeld om taal te laten aansluiten, om (financieel) ruimte te creëren in deze fases van het ontwerpproces, van verzwaren aan de voorkant tot en met het voorontwerp inrichtingsplan. Maar lonend is het altijd! Samenwerken is inspirerend, iedereen voelt de vernieuwing en komt tot bloei. Je merkt dat er sneller relevante en haalbare oplossingen worden gevonden en onderzocht. Er is meer begrip en daarmee nieuwe impulsen om je eigen kennis en vakgebied uit te dagen om beter aan te laten sluiten.

‘Samenwerken is inspirerend, iedereen voelt de vernieuwing en komt tot bloei’

De frustraties die we doorgaans meemaken in het ruimtelijke ontwikkelingsproces door ambitieverlies, maken nu plaats voor het ontwikkelen van nieuwe impulsen. De betrokkenheid in de integrale afweging en de langere betrokkenheid in het proces geven ieder het inzicht hoe hun elementen, kennis en belangen gewogen zijn. Dat inzicht leidt tot een impuls om het domein te vernieuwen om de aansluiting beter te kunnen maken, om in te zetten op oplossingen die wel haalbaar zijn en om de bewijsvoering die nodig is via  monitoring vorm te geven. Hiermee kan de ruimtelijke kwaliteit nieuwe stappen maken!

Toch merk ik dat integraal werken nog altijd als ‘nieuw’ wordt gezien, als innovatief of dat het integrale ontwerpproces nog in de voorhoede zit. Maar als ik naar mijn eigen praktijk kijk: integraal ontwerpen doen we al op projectniveau. En het mooie is dat na afloop de reacties eensluidend zijn: waarom doen we dit niet altijd zo? Het kan zo al snel de nieuwe standaard worden!

Mijn oproep is daarom: zie integraal werken niet meer als nieuw of als innovatie. Vraag het gewoon uit! De betrokken professionals kunnen het aan. Of ze hebben de kans nodig om het voor het eerst te doen.

‘Zie integraal werken niet meer als nieuw of als innovatie. Vraag het gewoon uit!’

Wat hebben we daarvoor nodig van de markt?

  • Vraag lang in de keten uit (van visievorming, verkenning tot en met voorontwerpinrichtingsplan, inclusief stedenbouwkundig masterplan en bestemmingsplan).
  • Vraag breed uit. Vraag thema’s als communicatie, energietransitie en groen niet separaat van het ruimtelijke ontwerpproces uit. Wij zijn prima in staat om samen te werken en coalities te vormen.
  • Bied financiële ruimte om datamanagement en visievorming in de verkenningsfase en voorontwerpfase verzwaard vorm te kunnen geven. De ‘winst’ en optimalisatie zit in een goedkoper ontwerp en een beter uitvoerbaar en efficiënter technisch ontwerp en realisatieproces.

Tot slot deel ik graag een paar lees- en luistertips:

  • Onlangs heb ik een brochure gelezen, met daarin de aankondiging van een boek en een seminar, waarin de integrale aanpak van de openbare ruimte duidelijk terugkomt.
  • Mijn vlog over integrale digitale ontwerpsessies en de rol van de procesmanager in een tijd van corona-thuiswerken.

Hein Veldmaat