Investeer in natte toekomst voor veenweidegebied

| 1 april 2020

Vrijwel iedereen zal wel eens zo’n aha-moment hebben gehad dat je je plotseling realiseert dat de draagkracht van de aarde beperkt is. Voor de een was dat het overlijden van de oude buurvrouw tijdens de hete zomer van 2018, voor de ander het zien van de film ‘An inconvenient truth’ van Al Gore. Voor mij deed zich zo’n moment voor toen ik fietste door Waterland en daar een paal zag staan van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier.

De bovenkant van de betreffende paal kwam meters boven mij uit, en liet zien dat het oorspronkelijke maaiveld ooit meer dan vijf meter hoger lag. Dat was het niveau voordat de boeren in de Middeleeuwen met het ontwateren van het veenweidegebied begonnen. Lag het maaiveld toen vier meter boven NAP, nu is het in Waterland gezakt tot twee meter onder NAP, en het zakt nog steeds met ongeveer een centimeter per jaar. Doordat de grondwaterstand verlaagd wordt, oxideert het veen en verdwijnt het als CO2 in de lucht. Dat zorgt voor een uitstoot van 6 en 10 ton CO2 per jaar.  En door het zakken van het maaiveld, moet het waterschap telkens weer de grondwaterstand verlagen om de boeren met hun tractors over het weiland te kunnen laten rijden.

In het Klimaatakkoord klinkt veel meer de stem van milieu en duurzaamheid door’

Dat deze wijze van boeren op veenweidegebieden niet eeuwig kan doorgaan, is ondertussen ook doorgedrongen tot de beleidsmakers op rijksniveau. Maar hoe men dat wil aanpakken, daarover bestaat toch onduidelijkheid.

Mist in ontwerp-NOVI

In de ontwerp-NOVI (nationale omgevingsvisie) wordt gesproken over drie mogelijke maatregelen om bodemdaling tegen te gaan, namelijk onderwaterdrainage, peilfixatie en transitie in landgebruik. Duidelijk is dat bij onderwaterdrainage en peilfixatie de bodemdaling alleen wordt geremd. Alleen transitie in landgebruik en verhoging  van het waterpeil stopt de bodemdaling en is goed voor natuur en biodiversiteit. Mogelijk kan dit op termijn zelfs leiden tot aangroei van het veen. Toch wordt daarvoor geen duidelijke keuze gemaakt. Zo wordt in de NOVI niet gesproken over de instelling van fondsen om deze keuzes financieel mogelijk te maken. Dat wordt overgelaten aan de provincies die het proces mogen faciliteren.

Stap in goede richting

Het Klimaatakkoord is duidelijker. Daarin staat dat circa 90.000 ha veenweidegebied vanaf 2021/2023wordt aangepakt, waarbij een substantiële bijdrage beschikbaar is om circa 10.000 ha om te vormen in agrarische natuur, inclusief de aangroei van veenmos, en transitie naar natte teelten. Hiervoor stelt het kabinet 100 miljoen euro beschikbaar. Dat is in ieder geval een stap in de goede richting.

Waar de NOVI geen duidelijke keuzes maakt, en zich eigenlijk vooral richt op ruimtelijke ordening, klinkt in het Klimaatakkoord veel meer de stem van milieu en duurzaamheid door. Wellicht dat in de definitieve versie van de NOVI deze stem kan worden meegenomen?

Annemarie van de Vusse