Participatie in Zeist
Inwoners betrekken bij biodiversiteit met digitale storytelling

| 4 februari 2021

Drie kwart van de burgers vindt dat gemeenten hen – zeker in de coronacrisis – digitaal moeten betrekken, bleek in 2020 uit onderzoek door onderzoeks- en adviesbureau Citisens onder 55.000 inwoners. Voor de inrichting van digitaal participeren zijn volop tools. Zo betrok Gemeente Zeist het afgelopen jaar bewoners op een aansprekende manier in het opstellen van een ecologische beheervisie: met digitale, dynamische kaarten.

Door Kelly Kuenen. Dit artikel stond in ROm 12, december 2020. ROm is het maandelijkse vakmagazine voor de fysieke leefomgeving en gratis voor ambtenaren in dat domein. Neem nu een thuisabonnement!

De coronacrisis verandert onze omgang met technologie drastisch en maakt digitaal participeren belangrijker. Hoewel diverse overheden de afgelopen maanden zich digitale tools in sneltreinvaart eigen maakten, is het opzetten van digitale participatie nog geen gelopen race. Essentiële vragen blijven hoe je inwoners bereikt, welk middel past bij het participatiedoel en hoe je inwoners op langere termijn betrokken houdt na een eerste enthousiaste bijdrage.

(Tekst loopt verder onder de afbeelding)

Beeld: Bureau Waardernburg

In Zeist werd in het beheer van de openbare ruimte al rekening gehouden met biodiversiteit, bijvoorbeeld door op sommige plekken minder te maaien. Desondanks was er behoefte aan een breedgedragen visie op dit vlak. Daarom werden bewoners dit jaar met een interactieve, digitale kaart betrokken bij het opstellen van een ecologische beheervisie, met als doel de biodiversiteit in de gemeente te vergroten. De zogenaamde StoryMap biedt de mogelijkheid om het verhaal op een pakkende wijze te vertellen, aldus landschapsarchitecte Arda van Helsdingen van adviesbureau voor natuur en landschap Bureau Waardenburg dat de kaart ontwikkelde en beheert. De digitale kaart wordt gemaakt met behulp van ArcGis-software. ‘De geografische informatie vormt de basis van de kaart. Hieraan wordt uitleg toegevoegd in de vorm van tekst, afbeeldingen en video’s. De kaart vertelt zo het verhaal van het streefbeeld voor biodiversiteit dat de gemeente voor ogen heeft en wat de gemeente gaat doen om dit te bereiken.’

Natuur populair participatieonderwerp
Uit onderzoek door Citisens blijkt dat de leefomgeving een van de drie thema’s is waar burgers het meest bij betrokken willen worden. Qua gebiedsontwikkeling staat het thema natuur op nummer één. Het realiseren van de plannen is overigens niet eens het belangrijkste in het proces. Bovenal willen bewoners gehoord worden, zei Machteld Beekhuis van Citisens tijdens een webinar in mei. Slechts drie procent van de burgers wil dat de gemeente daadwerkelijk doet wat zij willen.

Confetti
De kaart wordt uiteindelijk gebruikt om aan inwoners te vertellen wat er qua ecologie gaat gebeuren. In de eerste fase stond echter informatie ophalen centraal. ‘Waar in Zeist kunnen we de natuur verbeteren?’, vroeg de gemeente begin juni aan haar bewoners. De start van het project werd aangekondigd op de lokale communicatiekanalen met een oproep om mee te doen. Inwoners konden op de kaart voor alle locaties in de gemeente, in centrum- en buitengebied, waarnemingen, kansen of knelpunten doorgeven. In een maand tijd leverde dit ruim vierhonderd reacties op de kaart op, die ook digitaal zichtbaar werden voor de participanten. Ook kon men zich aanmelden voor deelname in de klankbordgroep of online workshop.


In een maand tijd kwamen ruim vierhonderd reacties op de kaart bij de gemeente binnen

Het gevolg is een plattegrond vol met rode, gele en blauwe ‘confetti’, verwijzend naar respectievelijk knelpunten, waarnemingen en een categorie overig. De ingebrachte waarnemingen zijn divers en richten zich zowel op een specifieke locatie als gemeentebrede ideeën. Zo oppert een participant een leegstaand industrieterrein te beschermen tegen bebouwing en verstedelijking, om zo aaneengesloten natuurgebied niet te onderbreken. Een ander meldt dat een picknickplek momenteel vooral als afvalstort gebruikt wordt. En een derde ziet dat een moestuin met bijenvriendelijke bloemen is ingezaaid.

(Tekst loopt verder onder de afbeelding)

In de eerste fase van het project werden vierhonderd kansen (groen), knelpunten (rood) en waarnemingen (geel) verzameld.

(Nog) meer online betrokkenheid
Met het toenemen van digitale participatie groeit ook het aantal handleidingen dat overheden handvatten biedt om digitaal participeren een succes te laten zijn. Voorbeelden zijn de Keuzewijzer E-tools van kennisinstituut Movisie of Inspiratiegids Digitale Participatie van Democratie in actie. Movisie formuleerde tien punten waarmee online betrokkenheid met digitale betrokkenheid kan worden bevorderd. Zo is het onder meer belangrijk om concreet en transparant te zijn over waar de input voor gebruikt wordt en waar inwoners dit kunnen vinden. Concrete onderwerpen lenen zich goed voor digitale participatie. Met uitgebreide communicatie kunnen potentiële participanten aangezet worden om deel te nemen. Maar ook wordt aangegeven oog te hebben voor de privacy van deelnemers en duidelijk te maken welke gegevens gebruikt worden, hoe en waarvoor.

Verrassend
Meer nog dan al die drie kleuren heeft de kaart vooral veel groene ‘confetti’, de kleur waarmee inwoners aangeven dat zij op die locatie een kans zien. Een greep uit de opmerkingen: het inzaaien van wildbloemen, het ophangen van vogelkasten, het planten van vruchtbomen, het realiseren van natuurvriendelijke landbouw aan de rand van de gemeente, het ‘teruggeven’ van een in onbruik geraakt kunstgrasveld aan de natuur, of het aanleggen van een natuurlijke speeltuin, zodat kinderen op ontdekking kunnen en ‘mens en natuur samengebracht worden’.

‘Een voordeel van online participatie is dat íedereen zijn of haar zegje kan doen’

De gemeente had door de onvoorspelbaarheid in de coronatijd weinig verwachtingen, zegt Renate Siekman, adviseur groen bij de gemeente. ‘Maar er werd verrassend goed gereageerd. Een deel van de ideeën is bruikbaar, een ander deel in mindere mate, aangezien het in sommige gevallen terreinen betreft die geen eigendom zijn van de gemeente.’ Met de ingebrachte ideeën heeft de gemeente bovenal een beeld van wat er leeft, zegt Siekman. ‘Het overgrote deel van de onderwerpen kwam eerder al aan de orde, maar dat bevestigt dat de tijd rijp is ermee aan de slag te gaan.’

Aan de hand van de aangedragen ideeën stelde de gemeente een conceptvisie op, die in juli is getoetst in een online workshop met inwoners, natuurorganisaties en andere groene verenigingen uit Zeist. De inbreng is waar mogelijk meegenomen in de visie. Waar het past binnen het beleid en de visie kunnen burgers zelf aan de slag gaan. Vanwege de coronacrisis en de precaire financiële positie van de gemeente kan de afdeling Beheer niet alles dat is ingebracht overnemen, laat Siekman weten. Wel worden onderwerpen bij andere afdelingen onder de aandacht gebracht, zodat zij daar hun voordeel mee kunnen doen.

Quick wins
De gemeente wil met name die thema’s aanpakken waarmee een deel van de ideeën wordt ondervangen die eenvoudig te realiseren zijn en grote impact hebben op de biodiversiteit. Bij dergelijke quick wins moet onderscheid worden gemaakt in maatregelen voor overheden en beheerders op het gebied van ontwikkeling en inrichting en maatregelen voor particulieren, benadrukt Van Helsdingen. In dat eerste geval kun je bijvoorbeeld denken aan hooilandbeheer in plaats van gazonbeheer. Door maaisel af te voeren en niet te bemesten, verruigt het terrein en krijgt het een ander pallet aan flora de ruimte om zich te ontwikkelen. Ook kan bestrating op pleinen en trottoirs deels verwijderd en vervangen worden door ‘groen’.

Met digitale participatie bereik je toch meer mensen, stelt Siekman. Met name inwoners die om welke reden dan ook normaliter niet fysiek aanwezig zijn bij bijeenkomsten. ‘Vanuit huis kunnen zij nu alsnog meeparticiperen. Daarnaast is een voordeel van online participatie dat íedereen zijn of haar zegje kan doen. Op fysieke bijeenkomsten kan dit soms lastig zijn. Je zit toch vaak met een grote groep waarbij een aantal inwoners zeer mondig kan zijn. Online participatie kan soms net wat meer uitnodigen om mee te doen.’

Van Helsdingen vindt het een voordeel dat je met deze werkwijze, wanneer je dit zorgvuldig doet, al bij de aanvang start met voorlichting over het onderwerp. ‘Bij de uitnodiging om te reageren op de StoryMaps moet je namelijk al goed uitleggen waarom je als gemeente, in dit geval, biodiversiteit belangrijk vindt en wat het precies is. Vervolgens kun je daar steeds op terugkomen in je communicatie.’

Verwachtingsmanagement is van groot belang, zegt Van Helsdingen nog. ‘Er ontstaat snel een idee dat elke wens ingewilligd gaat worden. Dat kan helaas niet het geval zijn.’ In Zeist werd bij het verzamelen van reacties met een tekst bij de kaart toegelicht wat het doel van het project is en wat er met de reacties wordt gedaan. Als de visie wordt goedgekeurd en de resultaten gepresenteerd, krijgen de burgers online te horen welke ideeën wel en niet zijn doorgevoerd en waarom.  


‘Verwachtingsmanagement is van groot belang. Niet elke wens gaat ingewilligd worden

Naast input leveren op de digitale kaart kregen inwoners van Zeist de mogelijkheid om een online workshop te volgen en om over de conceptvisie mee te praten. Al deze informatie in de eerste ronde vormt, samen met bijvoorbeeld het bomenbeheerplan en het groenstructuurplan, de input voor de visiekaart. Bureau Waardenburg presenteert deze uiteindelijk als StoryMap, waarop iedereen kan volgen wat er met de input is gedaan. De visie, met bijbehorend meerjarig actieplan, wordt naar verwachting begin volgend jaar vastgesteld.