Kom eens met een ander verhaal dan dat van de kenniseconomie!

| 2 juni 2017

De trek naar steden heeft alles met kenniseconomie te maken. Omdat om velerlei redenen te weinig gebouwd is de laatste jaren, zijn er in sommige steden, zoals ik in een eerder blog schreef, grote woningtekorten ontstaan. De woningmarkt in Amsterdam bijvoorbeeld is oververhit en wordt dan een aanbodmarkt. Nogal wiedes, beste Jos Feijtel, dat mensen die een woning zoeken in Amsterdam kiezen voor second best. Zoals vorige week in Bloomberg Review te lezen was: The Return to Sprawl Is More About Supply Than Demand. In de rest van Nederland, met name in de periferie, staan huizen leeg of worden afgebroken. De Nederlandse markt, een vraagmarkt, biedt nog genoeg woningen.

De transitie van een dienstverlenende naar een specifieke kenniseconomie is al vóór het uitkomen van The Rise of the Creative Class (2002) beschreven. Maar het was Richard Florida die in zijn spectaculaire boek de creatieve economie (lees kenniseconomie) agendeerde. Florida is beroemd geworden door het mooie boek, maar ook door zijn performances. Wie kent hem niet? Florida is ook berucht geworden, door vermeende correlaties (die hij zelf overigens niet als causaal zag), en door het uitmunten van zijn gedachten door elk stadje, hoe klein ook, te adviseren vooral creatievelingen aan te trekken. Daar maakte hij zich in de academische wereld, in mijn ogen terecht, niet geliefd mee.

Florida heeft gelijk gekregen (met zijn boek, minder in zijn performances). Dat is door meerdere auteurs, al dan niet schatplichtig aan hem, bevestigd. Enrico Moretti behoort niet tot de school van Florida, maar heeft in zijn The New Geography of Jobs (2013) de ruimtelijke gevolgen van de nieuwe economie beschreven (voor met name de Amerikaanse situatie, met af en toe een uitstapje naar Europa). Innovatieve bedrijvigheid creëert banen buiten de creatieve sector in een selecte groep steden. Die steden zijn de motoren van de economie. In zijn woorden: motor van de economie betekent dat een baan in een bepaalde sector extra banen schept!

De zakenman Florida speelt handig in op de nadelen van de ruimtelijke selectie in zijn nieuwe boek The New Urban Crisis (2017): sociale en ruimtelijke segregatie. Velen duiden die gevolgen, Florida (afhankelijk waar hij spreekt) ook, als een vergissing van zijn denken in 2002. Verkoopt goed.

Net als bij zijn beroemdste boek zijn er weinigen die het laatste boek echt gelezen hebben. Daarin (ik ben halverwege) zegt Florida niet zozeer dat hij zich vergist heeft, als wel dat hij een belangrijk (neven)effect niet voorzien had: ruimtelijke uitsortering!! Uiterst belangrijk punt waarover Florida (ook nu weer) zinvolle dingen te melden heeft.

Maar zoals veel te vaak gaan bestuurders, politici  en luie ambtenaren aan de haal met quotes over het boek uit al dan niet populistische kranten. Ze roepen met kerende post en vol bravoure op nu eens met een ander verhaal te komen dan dat van de kenniseconomie!

Pardon? Ik ben geen verhalenverteller. Ik ben geograaf, en heb mede op basis van interessante boeken, lokale statistieken en schouwen in de stad een analyse gemaakt. En hebben collega’s niet al vaak geroepen dat als je kenniseconomie omarmt (is er een andere optie?), je je wel bewust moet zijn van het belang van nabijheid, gentrification, functiemix, gemengd wonen, kleinschalige bedrijfsruimten, nieuwe kantoren in de centrale delen van de stad, en wat dies meer zij. Als je dat niet doet krijg je uitwassen.

South Kilburn, London Borough of Brent

South Kilburn, London Borough of Brent

Die uitwassen zie je bijvoorbeeld  in een van de meest succesvolle steden van de wereld: Londen. Omringd door aantrekkelijke woonmilieus ligt daar de wijk South Kilburn in de Borough of Brent.

Een omvangrijke concentratie van sociale woningbouw uit de jaren ’70 met momenteel rond de 60 procent van de bewoners die afhankelijk zijn van sociale uitkeringen, aldus een medewerker van de affordable housing projecten in Brent.

Als je het belang van de kenniseconomie al een ‘verhaal’ wil noemen, moeten wij dat verhaal of beter vertellen, of moet de toehoorder beter luisteren. Waarschijnlijk beide. Maar een ander ‘verhaal’ is er (voorlopig) niet.

Jos Gadet
Hoofdplanoloog gemeente Amsterdam

Lees hier meer blogs van Jos Gadet