Om maar met de deur in huis te vallen…!

| 21 januari 2015

Fred Bransen

Fred Bransen

2015, een nieuw begin, gelardeerd met goede voornemens, voor velen. Niets zo belangrijk als een begin, toch? Zonder begin, immers geen vervolg. Bij het ontmoeten van mensen oordeelt men vaak in de eerste seconden. Ook de horeca weet dat niet alleen het drankje en het eten, maar ook de ontvangst en het afscheid bepalend zijn voor de waardering van de klant.

Het begin, de ontvangst is dus iets om aandacht aan te schenken. Maar hoe doen we dat dan bij een stadsentree? Hoe kom je binnen? Hoe ziet het onthaal eruit? Wat zegt dat over de stad?

Vroeger kwam je door de fraai versierde stadspoort binnen. Fraai versierd om welkome gasten te ontvangen en het schorriemorrie te weren. Achter de poort was het veilig, was het ons domein. Poorten met betekenisgeving, een stadsentree met een verhaal.

De situatie is nu wel even anders. De entree is nu minder centraal. We zien ringwegen met meerdere entrees. Het snel in-, en uitgaan heeft prioriteit. Verdeel de verkeersstromen in en uit de stad is het motto. Betekent dit dan dat er door die decentralisatie geen plaats is voor een entree met en van betekenis? Kijk eens naar de Bab Agnaou, een van de 19 poorten die het oude centrum van Marrakech ontsluit. Ook een stadsentree met en van betekenis!
fredbransenfoto
Wanneer spreek je eigenlijk van een geslaagde stadsentree? En hoe geven we daar dan vorm aan?

Na even googlen kan ik mij niet onttrekken aan het beeld dat de stadsentree voornamelijk in de klauwen van de verkeersdeskundigen is gekomen. Bij het begrip stadsentree zie ik begrippen als bereikbaarheid, snel, veilig overal terugkomen. Ja, de gebruikswaarde is uitermate belangrijk, maar waar blijft die belevingswaarde dan? Na het bekijken van een vele impressies ontstaat een monotoon beeld die begrippen als bereikbaarheid, sneller, veiliger stevig onderstrepen, maar elke belevingswaarde missen. Er bekruipt mij een gevoel van eenheidsworst. Is de stadsentree dan exclusief terrein voor de verkeerskundige? Ik mis het verhaal, de uniciteit, de beleving!

fredbransendeurLaten we de parallel met de eigen woning eens bekijken. Hoe heb je daar de entree vormgegeven? Hopelijk niet met een bordje: hier waak ik, betreden op eigen risico. Je huis is mag ik aannemen bereikbaar, voorzien van een brievenbus, deurbel en naambordje. Een afdakje zodat je droog staat en mogelijk nog een buitenlamp want dat is wel zo praktisch. Functionaliteit als bereikbaarheid en bewegwijzering spelen ook daar een rol. Maar de warme entree komt toch van andere zaken. De droogbloemen aan de muur, de mat met welkom, de kleur van de deur. De persoonlijke noot maakt het af en zegt iets over de bewoners.

Zo dient men ook aan de stadsentree de kwaliteit van de stad te kunnen zien.

Gelukkig zijn er bestuurders en ontwerpers die verder gaan dan functionaliteit. Soms bekritiseerd, maar wel degenen die de jus zijn op de stamppot. Zij geven de stad smoel, en zorgen dat de stad een verhaal heeft, behoudt en krijgt. Zo heeft de Hovenring in Eindhoven een paar centen gekost, maar och wat is ie mooi! Of wat dacht je van de plannen van Observatorium in Rotterdam
Alleen de poëtische tekst al:

“De twee ranke wachtende bogen boven het water en rietlandschap zorgen voor een grotere dichtheid van ingenieurskunst en verlenen de brutalistische constructies van de fly-overs een raadselachtig en tot de verbeelding sprekend contrast”

Chapeau, chapeau! Hoop dat de toekomstige entree net zo poëtisch is als de tekst.

Hoe wij 2015 binnen gaan bepalen we samen. Ik wens iedereen een jaar vol betekenis en bij iedere stad, poort en deur een warm welkom.

Fred Bransen is als programmamanager ruimtelijke kwaliteit/consultant werkzaam bij adviesbureau Tauw.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *