Opgespoord

| 15 december 2014

Ontwerpen aan het spoor‘De vormgeving van het spoor bepaalt een belangrijk deel van de dagelijkse omgeving van miljoenen Nederlanders. Het is de ultieme publieke ruimte, die zich uitstrekt over heel Nederland en daarbij tot in de haarvaten ontworpen is vanuit een fundamenteel doordachte modernistische ethiek.’ Het maatschappelijk en ruimtelijk belang van het spoor is daarmee aangegeven. Maar de tragiek van de onder regie van de Spoorbouwmeester ooit gerealiseerde visuele, materiële en ruimtelijke kwaliteit van de spooromgeving die teniet werd gedaan door de falende kwaliteit (service, vertragingen, ongelukken) van de spoorwegen zelf, is opvallend Dat meent Wouter Vanstiphout in het ter gelegenheid van het 175-jarig bestaan van ‘het spoor’ verschenen prachtboek.

Het boek is echt een feest van herkenning, met bekende en onbekende verhalen en vooral beelden, waaruit duidelijk wordt hoe bepalend de spoorwegen eigenlijk zijn voor de inrichting van de fysieke omgeving. De aanleg van spoorlijnen – ooit een louter civieltechnische aangelegenheid – maar ook de bouw van stations en emplacementen vond steeds bewuster plaats in de context van landschappelijke en stedenbouwkundige inpassing. Dat blijkt bijvoorbeeld uit het recente voorbeeld van de aanleg van de HSL-Zuid. Deze hogesnelheidslijn werd gebundeld met de (bestaande) infrastructuur aangelegd. Dat was ook nodig omdat de enorme verstedelijking in de Randstad en Brabant, de uitbreiding van infrastructuur en andere ruimtelijke claims wel moest leiden tot een op consensus gericht proces en ontwerp. Er was extra geld beschikbaar gesteld voor een vroegtijdige visievorming op de landschappelijke inpassing.
Een vergelijkbaar proces vond plaats bij de discussies over en de voorbereidingen en aanleg van de dedicated goederenspoorlijn Betuweroute. Ook daar vond bundeling met de bestaande infrastructuur (A15) plaats waardoor er een samenhangende en herkenbare route ontstond.

Vormgeving blijkt naast de zorg voor milieu, natuur en leefbaarheid, een belangrijk aspect van inpassing in het landschap te vormen. Daarnaast is het van essentieel belang voor het draagvlak voor grote infrastructurele werken. ‘Die traditie is nu mede verankerd in het Spoorbeeld, de visie van Bureau Spoorbouwmeester, waarin de beleving van de treinreiziger en de passanten van de spoorlijn centraal staan’, aldus Wijnand Galema en Victor Lansink in hun bijdrage over de landschappelijke gevolgen van het spoor. Integraal ontwerpen vond eigenlijk pas vanaf 1995 plaats, een periode waarin ook een ingrijpende reorganisatie bij de NS plaatsvond.

Annuska Pronkhorst, Michelle Provoost en Wijnand Galema (2014): Ontwerpen aan het spoor, ISBN 978-94-6208-163-5, 184 blz., nai010 uitgevers, prijs: 44,50 euro

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *