Advertentie
Archief

Ik vertrek – of niet

Auteur Jop Fackeldey

01 april 2022 om 15:48, Leestijd ca. 3 minuten

De gemeenteraadsverkiezingen zijn weer achter de rug. Deze cyclische ‘sollicatieronde’ in overheidsland leidt er op veel plekken weer toe dat vier jaar of meer aan bestuurlijke ervaring vertrekt. Maar het mag niet zo zijn dat daarmee vier jaar kennis van stedelijke transformatie vertrekt. In deze column aandacht voor het vasthouden van kennis en de spagaat tussen democratische legitimatie en continuïteit van bestuur.

Ter vaststelling: de opgaven en de urgentie zijn groot. De uitdagingen zijn dat ook. Neem een voorbeeld als Alkmaar: een opgave van 15.000 woningen, stikstof zit in de weg, te weinig capaciteit bij de energieleveranciers, bedrijven vragen extra investeringen. Voor een stad als Amersfoort is de belangrijkste vraag wat de stad aankan. Met een enorme verwachte groei de komende jaren, vraagt het toevoegen van veel woningen om samenhangende investeringen in groen, bereikbaarheid en leefbaarheid. Marktpartijen, die actief zijn in gebiedstransformaties, lopen aan tegen capaciteitsgebrek bij gemeenten en de Raad van State. Bij die laatste liggen veel plannen op de plank te wachten op afhandeling.

In al die gevallen zijn partijen met elkaar vertrokken. En als het goed is wisten ze ook waar naartoe. Met hobbels, valkuilen en stippen op de horizon gaan partijen samen op weg. Met in dit geval de noodzaak om woningen te bouwen als brandstof. Maar ja, als je vertrekt en gedurende de reis wissel je van navigator of bestuurder, dan dreigt een nieuw vertrek. En dat moeten we niet hebben. We moeten de reis voortzetten en niet opnieuw vertrekken. Ons programma kan daarbij helpen.

We moeten de reis voortzetten en niet opnieuw vertrekken

Hugo de Jonge vertrok als minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening in vliegende vaart. Naast elke dag een werkbezoek heeft hij zijn ambities voor het dossier Volkshuisvesting opgeschreven in zijn Valentijnsbrief. 100.000 woningen per jaar. Grote ambities. Het werken in programma’s geeft urgentie en straalt de behoefte uit om snelheid te maken. Maar de realiteit is weerbarstig. We waren al op weg. We moeten ervoor zorgen dat we onze gezamenlijke reiskracht versterken, in plaats van opnieuw te beginnen.

Ruimte maken in beleid en financiële middelen, verstandig omgaan met de beperkte capaciteit, versnellen van procedures en goed luisteren naar behoefte van gemeenten en provincies om tot versnelling te komen. Dat gaat helpen bij het vergroten van de reiskracht. Anders wordt het een nieuw vertrek, zoals Gerard Reve het omschreef: “Men kan weg moeten, zonder dat men ergens heen moet. Dat zijn de gevallen, dat men ergens vandaan moet”. En we willen niet ergens vandaan, we willen zo snel mogelijk het reisdoel bereiken.

Dus, laten we samen reizen. Met het Rijk als mede-motor. Met een RO-minister die ervoor zorgt dat reisdoelen van het Rijk unisono worden gekoppeld aan concrete bestemmingen in samenspraak met de publieke en private reisgenomen.

Door Jop Fackeldey. Hij is voorzitter van het programma Stedelijke Transformatie, een samenwerking tussen Rijk, provincies, gemeenten, ontwikkelaars, bouwers en investeerders. Hij schrijft in ROm een maandelijkse column over de urgentie, knelpunten en oplossingen. Deze column staat in de nieuwe editie (april) van ROm, vakmaandblad voor de fysieke leefomgeving en gratis voor ambtenaren in dat domein. Neem een thuisabonnement.

Gerelateerde Artikelen
Link gekopieerd naar klembord