Inschrijven voor nieuwsbrief
Woningbouw

Meer opvang? Dakloze jongere is meer geholpen met huizen

Auteur Kasper Baggerman

19 augustus 2022 om 13:00, Leestijd ca. 7 minuten


Dak- en thuisloze jongeren vangen steeds vaker bot als ze een plekje zoeken in een opvangcentrum. Maar de capaciteit van de opvang vergroten, is geen wenselijk oplossing, zeggen experts. Structurele betaalbare huisvesting moet de hoogste prioriteit zijn. Dat is niet 1-2-3 geregeld.

Meer opvangplekken zijn niet de oplossing voor dak- en thuisloze jongeren, zegt adviseur wonen en wijken Mirthe Biemans stellig: ‘Het is nu nieuws dat de nachtopvang jongeren wegstuurt. Maar je moet überhaupt niet willen dat jongeren daar slapen.’

Dit omdat de opvang vaak een heftige en stressvolle omgeving is, waar jongeren in aanraking kunnen komen met drank en drugs. Dat kan op termijn problematiek juist verergeren. Onderzoek toont dat middelengebruik en mentale problemen veel vaker het gevolg zijn, dan de oorzaak van dakloosheid. Zeker bij jongeren. 

De daadwerkelijke oplossing voor de jongeren zit in betere toegang tot structurele huisvesting. ‘Veilig en stabiel wonen is de hoogste prioriteit’, zegt Biemans. Ook directeur Esmé Wiegman van brancheorganisatie Valente denkt er zo over. ‘Deze jongeren zijn het meest gebaat bij passende huisvesting. Daar moet voldoende van zijn.’

Jongeren zonder sterk netwerk 

Bij jeugddakloosheid gaat het vooral om jongeren zonder sterk sociaal netwerk, zonder ouders of vrienden die hen (financieel) kunnen of willen ondersteunen. Het gros van de dak- en thuisloze jongeren is niet van de ene op de andere dag dakloos, zegt Wiegman. ‘Als jongeren weggaan uit huis, blijven ze vaak eerst in hun eigen sociale netwerk hangen. Ze slapen bijvoorbeeld de bank bij vrienden of kennissen.’ Als dat geen optie meer is, volgt de straat. 

Volgens het CBS telt Nederland ongeveer 6.000 jongeren zonder vaste verblijfsplaats. Dit is waarschijnlijk een erg optimistische schatting. Jongeren die op een bank bij kennissen slapen, worden niet meegenomen in deze statistieken. Terwijl ze wel degelijk thuisloos zijn en dakloosheid boven het hoofd hangt. Het statistiekbureau kijkt bij jeugddakloosheid bovendien alleen naar 18 tot 27-jarigen. Minderjarigen zitten dus niet in de cijfers. In werkelijkheid telt Nederland mogelijk wel ‘tienduizenden’ onzichtbare dak- en thuisloze jongeren, zegt Biemans.

Biemans en Wiegman benadrukken dat toegang tot een veilig thuis essentieel is voor de verdere ontwikkeling deze jongeren. Waar de opvang hen letterlijk en figuurlijk verder van huis kan helpen, is een eigen thuis juist het begin van herstel. 


Eveline van Egdom, Straat Consulaat 

Meer goedkope sociale huur 

Het kabinet maakte in juni bekend dat huisvesting de kern moet zijn van het bestrijden van dakloosheid. ‘Iemand die dakloos is, moet niet opgevangen worden in een daklozenopvang, maar we zorgen zo snel mogelijk voor een huis', zei staatssecretaris Maarten van Ooijen van VWS destijds.

Deze min-of-meer ‘housing-first’-benadering lijkt in lijn met wat Biemans en Wiegman bepleiten. De realiteit is echter weerbarstig. ‘Ik merk dat bij de Rijksoverheid, gemeenten en corporaties steeds meer op de radar staat dat dakloosheid een woonprobleem is en geen zorgprobleem’, zegt Biemans. ‘Maar in de praktijk zie ik weinig gebeuren.’ 

De oplossing voor het woonprobleem is tweeledig. Er moeten meer woningen komen, en jongeren moeten die kunnen betalen. Over het woningaanbod: er is vooral meer behoefte aan meer goedkope sociale huur met mogelijkheid tot huurtoeslag. Dat sluit vaak het beste aan bij de financiële situatie van de jongeren. Maar aan deze woningen is in Nederland een tekort en het totaalaanbod daalt. De laatste drie jaar verdwenen er 26.000 sociale huurwoningen met een huurprijs tot 440 euro, berekende de Autoriteit Woningcorporaties eerder. Het aandeel dure sociale huur groeide juist.

Ook aan oplossingen op maat is behoefte. Een deel van de dak- en thuisloze jongeren kan of wil namelijk niet zelfstandig wonen, of heeft een aanvullende hulpvraag. Als voorbeeld noemt Biemans een woonconcept voor jonge moeders met kinderen in Amsterdam-Zuidoost. De woningen zijn geschikt voor kinderen, wat lang niet altijd het geval is, en de moeders kunnen in de buurt een opleiding volgen. ‘Maar dit soort speciale behoeftes is slechts voor een deel van de dak- en thuisloze jongeren nodig’, zegt de adviseur. ‘Voor het gros moet normale huisvesting de inzet zijn.’ 


Eveline van Egdom, Straat Consulaat 

Zorg dat jongeren de huur kunnen betalen

Ook Wiegman merkt dat goede huisvesting steeds meer op de radar staat als dé oplossing voor dak- en thuisloosheid, maar zegt dat we nog een lange weg te gaan hebben. Een mogelijke oplossing zit in het stimuleren van woningdelen, zegt de Valentedirecteur. ‘Dan maak je slimmer gebruik van het beperkte woningaanbod. Het kan ook geschikt zijn voor jongeren die niet volledig zelfstandig kunnen of willen wonen.’

Wil je dat jongeren vervolgens stabiel in hun woning kunnen verblijven, dan moet je draaien aan financiële knopen. Wiegman: ‘Meer geschikte huisvesting is niet van de ene op de andere dag geregeld. We moeten dus ook kijken naar wat we nú kunnen doen. 18 tot 21-jarigen hebben geen kans op een volledig inkomen waarvan ze kunnen leven. Het minimumjeugdloon en de jeugdnorm bijstand zijn te laag. Deze groep heeft bovendien geen recht op huurtoeslag. Zo worden en blijven jongeren dus dakloos. Dat geldt zeker voor de groep die doorstroomt uit de jeugdzorg, detentie of de jeugd-ggz.’ Het afschaffen van de kostendelersnorm, waarbij je nu nog wordt gekort op je uitkering bij samenwonen, kan ook helpen bij de financiële zekerheid. 


Dingena Mol, Het Beelddepot 

Systeemverandering

Naast het tekort aan geschikte betaalbare woningen en inkomensproblematiek, spelen institutionele barrières. Zo is het huidige doorstroomsysteem niet geschikt voor jongeren. Dat is namelijk ingericht op vanuit de opvang een eigen plekje vinden, terwijl het voor de jongeren beter zou zijn om überhaupt nooit in de opvang te belanden. Een systeem waarbij een jongere die dakloos dreigt te worden kan aankloppen bij de gemeente om een woning te zoeken, zou dus helpen.

Goede samenwerking met Jeugdzorg is hierbij essentieel. Ongeveer een derde van de dak- en thuisloze jongeren stroomt hieruit door. In het huidige systeem staat een jongere er vanaf zijn achttiende nagenoeg alleen voor. Biemans en Wiegman zouden graag zien dat de organisatie langer betrokken blijft om te garanderen dat de jongere goed landt.

Als laatste is het vooral zaak de jongeren blijvend centraal te stellen. ‘We voeren vaak nog erg algemeen dakloosheidbeleid’, zegt Biemans. ‘Er moet meer aandacht zijn voor specifiek jongeren, want juist deze groep is erg kwetsbaar.’ 

Over de foto's bij dit artikel 
Foto's van dakloze mensen in media zijn niet altijd representatief. De oudere man met biertje in de hand lijkt dominant. Om het groeiende probleem goed weer te geven, presenteerden het Beelddepot en stichting Straat Consulaat rechtenvrije foto's die meer recht doen aan de werkelijkheid. Dak- en tuisloze jongeren herken je namelijk meestal niet als zodanig op straat.
Gerelateerde Artikelen