Inschrijven voor nieuwsbrief
Verstedelijking

Ron Meyer over Heerlen-Noord: ‘We zijn een nationaal programma zonder nationaal budget’

Auteur Kasper Baggerman

30 september 2022 om 12:51, Leestijd ca. 9 minuten


De gemiddelde levensverwachting van inwoners van Heerlen-Noord gemiddeld is zes jaar lager dan landelijk. Een absoluut onacceptabel gegeven, vindt Ron Meyer. De nieuwe programmadirecteur van het Nationaal Programma Heerlen-Noord (NPHLN) zet zich in om de leefbaarheid in het gebied te verbeteren. Een titanentaak, waar minimaal 25 jaar voor is uitgetrokken.

Ron Meyer. Foto: Erik van der Burgt / ANP

‘Ik heb nog nooit zo vaak het woord integraal gehoord als in de kringen waarin me nu bevindt. Soms lijken mensen die het zeggen zelf te vergeten wat het precies betekent’, zegt Meyer over zijn ervaringen sinds hij in april dit jaar als programmadirecteur werd aangesteld. ‘Maar een aanpak waarin je kijkt naar de samenhang tussen problemen, dat is toch wel waar het om draait. Stel, op school help je een kind met taalontwikkeling of bewegen. Als dat kind vervolgens vol energie thuiskomt in een schimmelwoning of onveilige buurt, raak je de winst op het ene vlak op het andere weer kwijt.’

Het voorbeeld typeert hoe Meyer en de Alliantie de komende decennia aan Heerlen-Noord willen werken. Het moet een brede aanpak zijn, met aandacht voor wonen, werken, school, veiligheid en gezondheid. Waarbij fysieke ingrepen samengaan met sociale. En met een groot palet aan partners, want in de Alliantie zijn de gemeente, corporaties, zorg, onderwijs en de politie vertegenwoordigd. Ook het ministerie van BZK zit aan tafel.

Dit artikel staat in ROm oktober 2022. ROm is het vakmagazine voor de fysieke leefomgeving en gratis voor ambtenaren en bestuurders-politici in dat beleidsdomein. Meld u hier aan voor een thuisabonnement voor het maandelijkse papieren of digitale magazine.

Gezondheid als eigen pijler

Het voorbeeld laat ook uitdagingen in het gebied zien, waar ruim 50 duizend mensen wonen, meer dan de helft van het totaalaantal inwoners van Heerlen. De mijnen brachten Heerlen-Noord grote rijkdom, het sluiten van die mijnen juist grote sociaaleconomische malaise. Veel mensen zijn eenzaam, voelen zich niet veilig in de wijk en hebben een betrekkelijk laag inkomen. Verder scoort de wijk slecht op opleidingsniveau en arbeidsparticipatie. En de gemiddelde levensverwachting ligt er dus significant lager dan het Nederlands gemiddelde. Qua diepte doet de problematiek niet onder voor die in Rotterdam-Zuid, dat al langer op de radar van het Rijk staat.

Je kan een kind dat hier wordt geboren toch niet zeggen: eigen schuld dat jij zes jaar eerder doodgaat

Cruciaal is dat we niet langer doen alsof achterstanden een ‘individuele verantwoordelijkheid’ zijn, zegt Meyer. Neem gezondheid. Dat hebben we volgens hem te lang gezien als het product van individuele keuzes. ‘Er staan hier rijen voor de snackmuur van de supermarkt. Dat toont een bepaald voedingspatroon. Zolang stronken broccoli duurder zijn dan een pak bevroren frikandellen lost zo’n muur sluiten niks op. Gezondheid is een product van de economische, fysieke en sociale leefomgeving. Je kan een kind dat hier wordt geboren toch niet zeggen: eigen schuld dat jij zes jaar eerder doodgaat. Dan ben je wel een heel extreme libertijn.’ 

Met de focus op gezondheid onderscheidt Heerlen-Noord zich van Rotterdam-Zuid. Daar wordt onder leiding van programmadirecteur Marco Pastors sinds 10 jaar gewerkt aan wonen, werk en school. Heerlen-Noord voegt veiligheid en gezondheid toe aan dat rijtje. Meyer over een gesprek dat hij ooit had met zijn voorganger Lodewijk Asscher en Pastors: ‘Marco zei: ‘wat hebben mensen aan gezondheid als ze geen werk hebben. Waarop Lodewijk zei: ‘wat heb je aan werk als je doodziek bent’. Beide zijn waar. Zo bouwen wij dus voort op de ervaringen uit Rotterdam. En ook bij hen lijkt gezondheid nu meer onderdeel van het programma te worden.’


'Er staan hier rijen voor de snackmuur van de supermarkt. Dat toont een bepaald voedingspatroon'

Markante buurten

Een vergelijking tussen Rotterdam-Zuid en Heerlen-Noord is op meer fronten te maken. Neem bijvoorbeeld de geschiedenis van de twee steden. Rotterdam wordt gekenmerkt door het bombardement, Heerlen door veel sloop na de mijnsluitingen. Meyer: ‘We hebben een mozaïek van allerlei bouwstijlen en een grote mix van verschillende sociaaleconomische groepen. En er heerst een sterke overtuiging dat niets uit de lucht komt vallen, dat we toch echt zelf onze steden en buurten beter moeten maken.’

Die variëteit aan bouwstijlen stelt de corporaties nu voor uitdagingen. Er werd de laatste decennia veel gesloopt in Heerlen-Noord, maar de wijk is nog wel in het oog springende arbeiderspaleizen rijk, veelal gebouwd in de stijl van de Amsterdamse School. ‘Eén van de allergrootste opgaven voor het gebied is de renovatie van duizenden woningen. We hebben markante buurten en gebouwen, waar gemeenschapszin en identiteit hand in hand gaan. Ze zijn belangrijk voor het buurtgevoel van de inwoners.’

We hebben markante buurten en gebouwen, waar gemeenschapszin en identiteit hand in hand gaan

Ook liggen er uitdagingen bij de stedenbouwkundige opzet van het gebied. De mijnen zijn al decennia gesloten, maar nog steeds drukken ze hun stempel op Heerlen-Noord. Op de kaart kan je vrij accuraat aanwijzen waar de mijnschachten ooit stonden, want de ze waren de kernen van de verstedelijking. Meyer: ‘De Sittarderweg begint vlak bij het centrum en loopt door een groot deel van Heerlen-Noord. Die weg was een cruciale verbinding, mijn opa fietste erover naar zijn werk. De opzet van het gebied en de infrastructuur herinneren zo nog steeds aan de mijntijd, terwijl het niet het meest geschikt is voor de leefbare wijk anno 2022.’

Wat volgens Meyer nodig is, is betere verbinding tussen groene en de bewandelbare delen van het gebied. ‘Infrastructuur is geen onderdeel van ons programma, maar het raakt wel aan al onze thema’s. Alles is nu gefragmenteerd. Het groen en de wandelgebieden beter met elkaar verbinden maakt het een gezondere wijk. En recreatie en gezondheid leiden vervolgens tot baankansen. We moeten dus nadenken over wat de mijnschachten van deze tijd zijn. Welke iconen van Heerlen-Noord kunnen we ontsluiten?’

De Sittarderweg. 'Die weg was een cruciale verbinding, mijn opa fietste erover naar zijn werk'

Geld voor persoonlijke missie

Meyer ziet het verbeteren van de leefbaarheid in Heerlen-Noord als zijn ‘persoonlijke missie’. Zijn betrokkenheid bij het gebied is groot. Hij groeide vlak in de buurt op, zijn opa’s werkten in één van de mijnen. Maar om die missie waar te maken en de komende decennia momentum te houden, is wel geld van het Rijk nodig, zegt hij. 

‘Ik merk dat onze ideeën over bijvoorbeeld gezondheid en collectieve verantwoordelijkheid draagvlak vinden in Den Haag. Ze leiden tot enthousiasme. Dat is geweldig, maar er moet wel een bak geld bij. Met alleen draagvlak kunnen we weinig. We zitten met Rijksvertegenwoordigers en hebben hun handtekeningen, en we zijn een nationaal programma vanuit het Rijksprogramma Leefbaarheid en Veiligheid. Maar we hebben niet het geld zoals Pastors dat heeft. We zijn een nationaal programma zonder nationaal geld.’

‘Voor succes hebben we cement tussen de stenen nodig. Ik ben in die zin kritisch op hoe Den Haag de financiering voor de leefbaarheidsaanpakken regelt. Ons programma valt onder minister De Jonge, maar die heeft alleen geld voor volkshuisvesting. Programmaonderdelen als werken, leren en gezondheid vallen daarbuiten. Wij hebben dus financiering nodig van OCW en SZW, maar moeten daar losse subsidieaanvragen voor doen. Er had een integralere pot geld moeten liggen. Als je je handtekening zet, moet je ook dat cement bieden, vind ik.’

Er had een integralere pot geld moeten liggen

Dat geld is niet alleen nodig om nu stappen te kunnen maken. Langjarig veiliggestelde financiering vanuit het Rijk kan helpen met de aandacht vasthouden. ‘Ik ga even hardop dromen’, zegt Meyer. ‘Stel, we hebben over een paar jaar de laaggeletterdheid teruggebracht van 20 naar 14 procent, tegenover een landelijk gemiddelde van 12. Dan lopen we het risico dat de aandacht verslapt. Terwijl je juist dan door moet pakken. Dat één van de grootste risico’s van deze aanpak.’

‘Zolang er geen structureel geld uit Den Haag is, moeten we laten zien hoe ernstig de situatie is. Maar ook waar we trots op zijn. Heerlen-Noord heeft veel te bieden, maar dat delen we niet genoeg. We hebben een prachtig kasteel, een unieke heide, een groevegebied dat de geschiedenis van Limburg laat zien. Deze gebieden bieden kansen voor onderwijs, recreatie, werk en gezondheid. Maar ze vertellen bovenal ons verhaal.’

Bredere leefbaarheidsaanpak in Parkstad Limburg
Heerlen-Noord is niet het enige gebied in de regio Parkstad Limburg waar de leefbaarheid onder druk staat. De regio werkt nu een paar jaar aan het doorbreken van het doorbreken van ‘de vicieuze cirkel van armoede’, in onder meer de gemeenten Heerlen, Kerkrade en Brunssum. Via de Regio Deal Parkstad Limburg investeren het Rijk, de Provincie Limburg en Stadsregio Parkstad Limburg samen 80 miljoen euro om de brede welvaart in de regio te verbeteren.

Net als in Heerlen-Noord gaat dat met zowel sociaaleconomische als fysieke ingrepen. Zo worden in de wijk Rolduckerveld in Kerkrade oude corporatiewoningen weer ingepond, als onderdeel van een grote gebiedsontwikkeling om de kwaliteit van de wijk te verbeteren en te anticiperen op krimp. Verder wordt met een bijdrage aan het volkshuisvestingsfonds gewerkt aan het verbeteren van particuliere woningen. Het idee is dat hulpinstanties met deze fysieke aanpak ook gelijk een ‘kijkje achter de voordeur’ krijgen.

Voor de sociaaleconomische versterking zijn er programma's met scholen en bedrijven. Daarbij wordt expliciet over de grens gekeken. De nabijgelegen Duitse universiteitsstad Aken biedt veel kansen, en met haar centrale ligging in Europa kan Parkstad Limburg internationale (logisitiek)bedrijven aantrekken. Via speciale onderwijsprogramma’s moet de jeugd uit de regio daar van profiteren.
Gerelateerde Artikelen