Inschrijven voor nieuwsbrief
Advertentie
Energietransitie

Energietransitie: ro-wereld blijft achter de feiten aanlopen

                              
Auteur Marcel Bayer

22 december 2022 om 12:20, Leestijd ca. 7 minuten


Soms denk je als vakmedium het verschil te kunnen maken door de vakwereld te laten beseffen dat een bepaalde opgave meer aandacht vraagt. De ijdelheid ten top natuurlijk. Als er iets is wat we de afgelopen veertig jaar als redactie hebben geleerd, is het wel dat wat je teweegbrengt hooguit een rimpeling in het water is. Neem nou de energietransitie en dan vooral de ruimtelijke implicaties ervan. Je kunt erover schrijven tot je een ons weegt, bewegen doen we blijkbaar pas als het niet anders kan.

                              

Beeld bij het artikel ‘De opmars van de zonneparken’ in ROm maart 2018. Er waren toen aanvragen voor tweehonderd grote zonneparken. Beeld Shutterstock

In de jaren tien van deze eeuw diende het onderwerp zich aan. De ro- en ook de ontwerpwereld lagen er nog niet wakker van. Er waren dringender zaken die om aandacht vroegen, vooral toen de impact van de kredietcrisis voelbaar werd.

Alhoewel, er waren uitzonderingen en we signaleerden heel lokaal het begin van wat snel een trend zou worden. In het artikel ‘Groene’ ontwikkelkracht (ROm maart 2010), met groene nog nadrukkelijk tussen aanhalingstekens, de voorbeelden van Plantage De Sniep in Diemen, Stad van de Zon in Heerhugowaard en het Zonne-eiland in Almere. In deze laatste gemeente zijn de ‘Almere Principles’ gepresenteerd om de gemeente en de markt tot duurzame ontwikkeling te inspireren. ‘Duurzaamheid is een ontwerpopgave’, zegt de toenmalige wethouder Adri Duivesteijn. Op meerdere plekken in de stad van de woningbouwexperimenten staan projecten met duurzame energievoorziening op stapel. Ashok Bhalotra is de architect die dan al aangeeft dat het ‘sneller’ en ‘omvangrijker’ moet.

In het artikel Lokale energiepotenties beter benutten, in dezelfde editie, doet Andy van den Dobbelsteen, net een jaar hoogleraar klimaatontwerp en duurzaamheid aan de TU Delft, verslag van zijn onderzoek naar de energetische mogelijkheden van de ondergrond. Dat doet hij in opdracht van de Provincie Groningen, dan nog vanuit de gedachte dat de gasvoorraden een keer helemaal op zullen zijn. Over het algemeen wordt bij nieuwbouwlocaties nog nauwelijks gekeken naar de mogelijkheden van lokale energiewinning, stelt de hoogleraar vast.

Dit artikel staat in ROm december 2022. ROm is het vakmagazine voor ruimtelijke ontwikkeling en de fysieke leefomgeving en gratis voor ambtenaren en bestuurders-politici in dat beleidsdomein. Meld u hier aan voor een thuisabonnement voor het maandelijkse papieren of digitale magazine.

Energieke samenleving

Overal in het land schoten de initiatieven uit de grond om de woningen, veelal in collectief verband, te verduurzamen. Sommige steden spelen daarop in. Zo kunnen in Utrecht collectieven van minstens vijf huishoudens subsidie krijgen in het kader van ‘de energieke samenleving’, zo schrijven we in Energietransitie van onderop (ROm februari 2013). Groepen bewoners met innovatieve ideeën voor CO2-reductie kunnen een kleine financiële ondersteuning krijgen van maximaal 10.000 euro. Er is een miljoen euro beschikbaar. Het is een begin. Alle kleine beetjes helpen, zullen we maar zeggen.

In het betreffende artikel laat HIER opgewekt zien hoe het bruist van ideeën en plannen. Dat op zich is al een opgave voor de overheid en vraagt om een andere sturingsfilosofie had PBL-directeur Maarten Hajer een paar jaar eerder beschreven in het signalenrapport met de titel De energieke samenleving. Hij voorziet een strategie waarin het instrument subsidies nauwelijks meer voorkomt, want zo ‘ouderwets’ en ‘altijd eindig’. Nee ‘deals’, zoals de Green Deals toen al, worden de moderne wijze van werken. ‘De overheid moet allereerst een motiverend langetermijnperspectief uitdragen dat mensen stimuleert. Vervolgens moet ze met dynamische regelgeving komen die innovatie beloont en storende regels schrapt.’

 Het Rijk is keihard nodig om meer sturing te geven

Hajer ziet in dat de oude reflexen bij de overheid hardnekkig zijn en de verandering dus langzaam gaat, maar geld bieden, ‘nee, dan kan echt niet meer’.

Ook Jan Rotmans klaagt in dit artikel over een overheid die in de weg loopt, te weinig verbindingen legt, lessen trekt en nauwelijks voortmaakt met regelgeving die verduurzaming stimuleert. En dat het ruimtelijk beleid nog zo weinig inspeelt op de energietransitie. Dat was 2013. Inmiddels blijken al die initiatieven van onderop, hoe sympathiek ook, toch niet voor voldoende tempo te zorgen. Het Rijk is keihard nodig om meer sturing te geven en daar zijn tientallen miljarden euro’s voor vrijgemaakt.


Aanleg leidingennetwerk stadsverwarming, bij het artikel ‘Stijgende kosten voor verwarming in het gasloze tijdperk’ in ROm september 2018. Beeld Vattenfall

Optimistische plannen

Twee jaar later is de energietransitie op de tekentafels van ruimtelijk ontwerpers terechtgekomen. In 2013 is het Energieakkoord gesloten en Dirk Sijmons heeft in zijn hoedanigheid als Rijksadviseur voor het Landschap de Kleine Energieatlas en de grote opvolger daarvan met de titel Landschap en Energie uitgebracht. Het hoofdartikel Transitie doordenken op ruimtelijke gevolgen (ROm mei 2015) doet verslag van verschillende provincies die laten zien serieus bezig te zijn met de opgave.

Naast Groningen heeft Zuid-Holland een gedetailleerde studie laten maken over de hoeveelheid energie die verschillende bronnen zouden kunnen opleveren. Een van de ontdekkingen was het grote potentieel voor warmtenetten. Gemeente Rotterdam heeft die in het vizier als potentieel alternatief voor verwarming met aardgas. De Rotterdamse Energie Aanpak (REAP) gaat ervan uit dat de stad in 2030 energieneutraal is (!), en dat de helft van alle woningen tegen die tijd zal zijn aangesloten op restwarmte uit de haven. Ook zouden de Rotterdamse daken vol worden gelegd met zonnepanelen.

Zo optimistisch waren we toen. Toenmalig wethouder Pex Langenberg (Duurzaamheid) bleek wel een vooruitziende blik te hebben met zijn uitspraak ‘Als we niets doen, rijzen de energiekosten over vijftien jaar de pan uit.’ Hij kon natuurlijk niet bevroeden wat daarvan de werkelijke oorzaak zou zijn.

In Noord-Brabant waren ze geschrokken van de oppervlakte die nodig is om de provincie in 2030 energieneutraal te krijgen: 95 procent van het totaal. Aanleiding om te zoeken naar andere opties. Samen met Gemeente 's-Hertogenbosch verkent de provincie of het energiegebruik met zeventig procent (!) valt te reduceren.

Loslaten van de functiescheiding is een andere mogelijkheid. Geothermie uit de ondergrond blijkt een interessante energiebron om de stedelijke omgeving en de tuinbouwcomplexen te verwarmen.

Ed Nijpels, voorzitter van de Borgingscommissie voor het Energieakkoord, noemt in datzelfde artikel uit 2015 de opgave een vierde historisch moment waarop de energieproductie landschappelijk ingrijpende veranderingen gaat brengen. Echter, ‘geen enkele gemeente heeft nog een integrale visie of plan voor de ruimtelijke inpassing van windmolens en zonneparken’, moet hij constateren.

Dralend beleid

Vanaf 2017 kwam de energietransitie in een stroomversnelling. Waar de windproductie op land steeds vaker tegen ruimtelijke beperkingen oploopt, schieten de zonneparken als paddenstoelen uit de grond. Oprukkende zonneparken was de titel van een artikel (ROm maart 2018) waarin we beschreven hoe gemeenten in de noordelijke, oostelijke en zuidoostelijke provincies worden overvallen door initiatieven voor mega-zonneparken van slimme ondernemers en investeerders, gebruikmakend van de royale subsidies. Nogal wat gemeenten gaan overstag door gebrek aan capaciteit om de plannen goed kritisch te beoordelen, maar vooral door gebrek aan beleid hoe hiermee om te gaan en niet te vergeten vanwege de aantrekkelijk financiële deals die initiatiefnemers boden.

Wat de overheid niet doet, doen particulieren wel

De jaren die volgen duiken we in de verschillende opties voor de opwekking van warmte. Geothermie bijvoorbeeld in het artikel Zonder gemeentelijke visie geen bodemwarmte (ROm juli 2018). De mogelijkheden zijn er op veel plekken in het land, maar deze vorm van warmteopwekking is relatief duur en alleen rendabel bij voldoende vraag. Bovendien zit de Mijnwet in de weg en de terughoudende opstelling van het staatstoezicht op die wet. Voor de glastuinbouw blijkt geothermie kansrijk en lopen de eerste initiatieven, bijvoorbeeld in het Westland. Maar een stukje verderop in Den Haag komt het eerste stedelijke project niet van de grond.

Gemeentelijke visies en beleid op warmtebronnen zijn er nog nauwelijks. Wel rukken de warmtepompen op, beschrijven we in dezelfde editie (De opmars van de warmtepompen, ROm juli 2018). Wat de overheid niet doet, doen particulieren wel. Met alle gevolgen voor de belasting van het stroomnet, zal later blijken.

De keuze voor stadswarmte of all electric blijft boven de markt hangen, schrijven we in Stijgende kosten voor verwarming in het gasloze tijdperk (ROm september 2018). Er is dan al veel te doen over de prijs van stadswarmte, die gekoppeld blijkt aan de gasprijs. En de discussie over het eigenaarschap van de warmtenetten werpt dan al zijn schaduw vooruit.

Waterstof heeft de toekomst (ROm oktober 2018) concluderen we een maand later. De mogelijkheden lijken onbegrensd, met name voor bestaande woningen die met all electric moeilijk te verwarmen zijn. Het leidingennet ligt er al. Maar voor werkelijk groene waterstof is veel duurzame stroomopwekking nodig. Liefst op zee dus.

En ook hier houdt de wetgeving innovatie tegen. Werk aan de winkel dus voor de wetgever en voor vooral gemeenten om met concrete plannen te komen voor de fasering van de energietransitie. Vooral wordt het tijd om keuzes te maken en na te denken over de ruimtelijke inpassing. Maar dat doen we pas op het laatst in dit land.

Gerelateerde Artikelen