Inschrijven voor nieuwsbrief
Advertentie
Omgevingswetgeving Woningbouw

Lokaal perspectief

Auteur Robbert Coops

16 januari 2024 om 10:29, Leestijd ca. 4 minuten

Op gemeentelijk niveau is de woningbouw wel degelijk vlot te trekken, betoogt Robbert Coops. Urgentie breekt dan misschien geen wet, maar wel vastgeroeste kaders, overlegstructuren of verouderde opvattingen.

De verkiezingen hebben laten zien dat woningbouw een belangrijk thema is. Een nieuw regeerakkoord kan dan ook onmogelijk om het probleem van de groeiende woningtekorten heen. Want de woningnood is – mede veroorzaakt door migratie – groot. De ambities van het huidige demissionaire kabinet zijn dat overigens ook. Minister Hugo de Jonge (Wonen en RO) laat niet na te benadrukken dat de overheid zich verantwoordelijk voelt voor de bouw van 900.000 woningen in de korte periode tot 2030 en zet daarbij via de op stapel staande nieuwe Nota Ruimte in op regionale spreiding. De regio’s noord, oost en zuid kunnen rekenen op de aanwijzing van grootschalige woningbouwlocaties voor de periode 2020-2040 waarbij het credo van een ‘rechtvaardige verdeling van de ruimte’ zal worden toegepast.   

Wegkijken of opportunisme is niet langer serieus te nemen. Verantwoordelijkheid en risico nemen wel.

Dat klinkt allemaal hoopvol en toekomstgericht, maar het is duidelijk dat de Rijksoverheid niet alleen aan zet is. Vele andere publieke en private partijen zullen zich moeten inzetten en samenwerken om de woningbouw structureel op peil te brengen. De belangenvereniging van project- en gebiedsontwikkelaars NEPROM liet recent bijvoorbeeld weten dat de doorlooptijd van de woningbouw ernstig wordt gefrustreerd door allerlei beroeps- en bezwaarprocedures. Of die kritiek zich ook richt op de Omgevingswet zoals die vanaf dit jaar van kracht is zal nog moeren blijken, maar het is in ieder geval een voorbode van een onrustig en ongewis bouwklimaat, waar sprake is van twee – elkaar flink in de weg zittende – ontwikkelingen in de volkshuisvesting. Enerzijds is er sprake van een tekort aan bouwmateriaal, stikstofruimte, bouwvakkers, locaties en - vooruit dan maar - visies. Anderzijds is er een grote behoefte aan betaalbare, duurzame (huur- en koop) woningen, lijkt er een grote bereidheid tot investering en financiering – maar dan wel graag zonder teveel risico’s - en zijn innovaties in de bouw niet aan te slepen. Dat alles tegen de achtergrond van maatschappelijke en bestuurlijke onrust en onduidelijkheid over aangekondigde wetgeving en nieuw beleid. 

Er is sprake van een ingewikkelde tegenstelling in belangen, maar vooral in oplossingen op de korte en lange termijn. Hoe daaruit te komen is niet eenvoudig, maar het zal wel moeten. De roep om eindelijk iets structureels te doen aan de woningnood – of sterker nog woningcrisis – wordt steeds sterker, serieuzer en door feiten gestaafd. Wegkijken of opportunisme is niet langer serieus te nemen.  Verantwoordelijkheid en risico nemen wel. En dan liefst in samenhang met aanpalende issues en dus samen met relevante partners.

Het blijkt gelukkig nog steeds mogelijk nieuwbouw, transformaties of renovaties te realiseren.

Wat te doen?  Vanuit lokaal perspectief – want daar zal het echt moeten gebeuren, alle regionale, nationale en Europese beleidsvisies en regels daargelaten – valt er gelukkig nog veel te doen. Urgentie breekt dan misschien geen wet, maar wel vastgeroeste kaders, overlegstructuren of verouderde opvattingen. 

Er is gelukkig ruimte voor lokale initiatieven. Met een standvastig bestuur – inclusief de democratische controle daarop – en met een praktijk- en oplossingsgericht ambtenarenapparaat – al dan niet gesecondeerd door deskundige externe professionals – die samen bereid zijn out-of-the-box te denken en te handelen, blijkt het gelukkig nog steeds mogelijk nieuwbouw, transformaties of renovaties te realiseren. Samenwerking met burgers en lokale ondernemers is daarbij geboden, want zij zien (en weten soms) meer dan het gemeentelijk apparaat. En dat is zeker geen schande.

Vanuit die gezamenlijkheid blijkt het – met wat creativiteit, geluk en vooral doorzettingsvermogen – mogelijk om voortgang te boeken. Voorbeelden laten zien dat het nog steeds mogelijk is om op een verantwoorde manier aan de slag te gaan en te blijven. 

Zo is de gemeente Ouder-Amstel druk aan de slag met de ontwikkeling van De Nieuwe Kern en Werkstad OverAmstel, waar samen met grondeigenaren, projectontwikkelaars en mede bestuurslagen nijver wordt gewerkt aan de totstandkoming van nieuwbouw. Onlangs is daar het nieuwbouwproject (voor 472 woningen), The Dialogue, gestart met behulp van WBI-subsidie.       

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Gerelateerde Artikelen