Inschrijven voor nieuwsbrief
Advertentie
Beleidsnota’s Landelijk gebied Klimaatadaptatie

CEO Vitens Jelle Hannema over de noodzaak van een nieuwe “streefstructuur” voor drinkwater

‘We zijn allemaal afhankelijk van hetzelfde zoete water’

Jelle Hannema: ‘Om ook voor de toekomst te zorgen voor een robuuste drinkwaterwinning moeten we versneld andere drinkwaterlocaties gaan vinden.’ Beeld Vitens
Auteur Marcel Bayer

12 februari 2024 om 18:02, Leestijd ca. 6 minuten


Jelle Hannema (CEO Vitens) is blij met de prominente aandacht nu in het Rijksbeleid voor de toekomstige zoetwatervoorraad. Maar er staan nog geen fysieke plekken op de kaart om drinkwater te maken. Vitens heeft bij het Rijk een kaart ingediend met alle toekomstige winplaatsen en de infrastructuur die nodig zijn voor een nieuw, duurzaam en robuust drinkwatersysteem in de toekomst.

Jelle Hannema: ‘Om ook voor de toekomst te zorgen voor een robuuste drinkwaterwinning moeten we versneld andere drinkwaterlocaties gaan vinden.’ Beeld Vitens

Hannema is op dit moment nog de bestuursvoorzitter van drinkwaterbedrijf Vitens tot een opvolger bekend is. Daarna gaat hij vol aan de slag met de oriëntatie op een zogenoemde strategische streefstructuur voor het drinkwatersysteem van de toekomst.  

Hij vertelt dat Vitens, samen met waterbedrijven in andere regio’s, druk bezig is met de toekomstige infrastructuur, en dat ze door de omstandigheden gedwongen zijn om daarin versnelling aan te brengen. ‘We signaleren dat een aantal van onze bestaande winningen nu al in de knel komt door de klimaatimpact en door de onhoudbare combinatie van functies op die locaties. Om ook voor de toekomst te zorgen voor een robuuste drinkwaterwinning moeten we versneld andere drinkwaterlocaties gaan vinden. We ontkomen er niet aan om die integraal en duurzaam in te passen met andere functies.’

Transities

Dat laatste realiseren de drinkwaterbedrijven zich terdege. Er liggen nogal wat grote transities in het verschiet met stuk voor stuk een forse ruimtelijke impact en de ruimte is beperkt. De nieuwe politieke constellatie na de Tweede Kamerverkiezingen doet daar voor Hannema niets aan af, ook al maakt hij zich best zorgen over het urgentiegevoel bij de politieke partijen op rechts in het parlement. ‘Zeker als je op tijd in moet spelen op ingrijpende ruimtelijke keuzes die nodig zijn. Als je geen problemen onderkent, dan hoef je ook geen keuzes te maken. Maar wij vanuit onze maatschappelijke verantwoordelijkheid zien wel een hoge urgentie om nu keuzes voor de toekomst te maken. Bijvoorbeeld om het water- en bodemsysteem te versterken, waar het huidige demissionaire kabinet zich heel terecht voor heeft uitgesproken. En om bij te dragen aan herstel van de harmonie tussen de natuur en de landbouw.’

‘We willen naar een beperkter aantal grotere productielocaties in waterrobuuste gebieden’

Bij de twee grote uitdagingen in het waterdomein, de waterveiligheid en de zoetwatervoorziening, valt op hoe vanzelfsprekend het door de eeuwen is geweest dat we kosten noch moeite sparen om het rivier- en zeewater te beteugelen. Over de zoetwatervoorziening hebben we ons eigenlijk nooit zo druk hoeven te maken. Maar dat is door de klimaatverandering en de effecten van de industriële samenleving veranderd. Voldoende en schoon zoetwater is niet meer vanzelfsprekend. 

Hannema benadrukt dit met verwijzing naar de grotere droogteperiodes en hevige buien enerzijds, en de teruglopende kwaliteit van het water door industrie en landbouw anderzijds. ‘Bij langdurige zoetwatertekorten komt de drinkwatervoorziening in gevaar en krijgt de landbouw een probleem met verdroging. Dat zien we al periodiek gebeuren op onze zandgronden in de Achterhoek en Twente, waar we veel grondwaterwinningen hebben. Daar willen we de kleinere winningen terugschroeven, terwijl we juist in waterrijke gebieden in de omgeving van de IJssel, bij het Ketelmeer en de Randmeren de winning willen uitbreiden. We willen naar een beperkter aantal, maar grotere locaties toe in dergelijke waterrobuuste gebieden.’ 

Streefstructuur

Zo heeft drinkwaterbedrijf Vitens in haar verzorgingsgebied een vrij precies beeld van nieuwe waterwingebieden die nodig zijn, met de bijbehorende infrastructuur, als op termijn de bestaande worden uitgefaseerd. Bij de andere drinkwaterbedrijven zal dat niet anders zijn, geeft Hannema aan. Hij wijst aanvullend nog op de verziltingsproblematiek door het binnendringen van zout kwelwater en daling van de bodem waar collega-drinkwaterbedrijven in Laag-Nederland mee te maken hebben. 

‘De grotere wingebieden en transportinfrastructuur die nodig zijn voor een toekomstige robuuste drinkwatervoorziening hebben ruimtelijke implicaties. Dat betekent dat je nieuwe transportinfrastructuur moet gaan maken. Niet alles kan dan meer op alle plekken. De concurrentie om de schaarse ruimte, boven- en ondergronds, ervaren we nu al. We proberen daar als branche, met andere infrabeheerders en overheden zo goed als mogelijk uit te komen, maar als je kijkt wat er de komende 25 tot 30 jaar allemaal moet gebeuren, is er meer ruimte nodig.’

 ‘De concurrentie om de schaarse ruimte, boven- en ondergronds, ervaren we nu al’

De kaart van de zogenaamde Streefstructuur, waar Hannema naar verwijst en waar Vitens onder zijn leiding aan werkt, is bekend bij de ministeries van BZK en I&W. Hij spreekt de hoop uit dat deze een prominente plek zal krijgen in de concrete beleidskeuzes van de Nota Ruimte. 

‘We hebben contacten met de ministeries, en met de provincies en de gemeenten in ons verzorgingsgebied, onze publieke aandeelhouders, 97 in getal. Wethouders en gedeputeerden met een uiteenlopende politieke achtergrond, toch zijn ze allemaal doordrongen van de noodzaak om vroegtijdig te acteren op het veiligstellen van de zoetwatervoorziening. Ze snappen dat zij een verantwoordelijkheid en rol hebben om ervoor te zorgen dat we dat kunnen gaan financieren. Maar dat kunnen ze niet alleen. De nationale overheid heeft hier net zo goed een verantwoordelijkheid en rol.’

‘Wij vanuit onze maatschappelijke verantwoordelijkheid zien wel een hoge urgentie om nu keuzes voor de toekomst te maken.’ Beeld Vitens

Urgentiegevoel

Hannema denkt dat het volgende kabinet ook de urgentie voor een robuust drinkwatersysteem gaat voelen en baseert dat op wat hij ervaart in de contacten met gedeputeerden en waterschapbestuurders, of ze nou van BBB, VVD of GroenLinks-PvdA zijn. ‘Niemand ontkent dat we te maken hebben met structurele verdroging en verzilting. En dat we nodig de kwaliteit van het oppervlaktewater moet verbeteren. Ze willen allemaal vaart maken met die transitie. We zijn namelijk allemaal afhankelijk van hetzelfde zoete water. Daarom is die watertransitie echt heel hard nodig, want we kunnen de opgaven niet meer oplossen binnen het watersysteem zelf. Dus zullen we integraal naar onze opgaven moeten kijken, in samenhang met andere ruimtelijke opgaven. Daarvoor hebben we een kabinet nodig dat zich dit vraagstuk op die manier toe-eigent met een krachtig ministerie.’

‘We kunnen de opgaven niet meer oplossen binnen het watersysteem zelf’

De komende tijd gaat Jelle Hannema, die dit najaar heeft aangegeven bij Vitens terug te treden als bestuursvoorzitter, zich als programmabestuurder weer volledig richten op de versnelling van de genoemde Streefstructuur. Zoals voorheen als Manager Asset Management, de positie waar hij in 2014 mee begon bij het drinkwaterbedrijf. De missie van het bedrijf is om al over tien tot twintig jaar te beschikken over een volledig duurzame drinkwatervoorziening met een toekomstbestendige infrastructuur.  

Om daarbij tijd te winnen en procedures te versnellen, is het van belang dat infrabeheerders meer samen optrekken, bepleit hij. ‘We kunnen in dat opzicht best wat steun gebruiken van de kant van de overheden, want het duurt tegenwoordig wel erg lang voordat we kunnen beginnen met grondwerken. Natuurlijk, het moet zorgvuldig met de rechtszekerheid van eenieder als uitgangspunt, maar het is ook zaak dat we knopen doorhakken. Ik denk dat we door als infrabeheerders de krachten te bundelen sterker staan en tijd kunnen winnen. Als je weet hoe de robuuste infrastructuren van de toekomst eruit gaan zien, kun je die in gebieden waar de prioriteiten liggen samen nu al in co-creatie aanpakken.’

De tijdsfactor bij die systeemverandering is wat de drinkwatervoorziening betreft van doorslaggevend belang, geeft Hannema aan. ‘We moeten snel aan de slag. Met ons huidige drinkwatersysteem hebben we 140 jaar gedaan. Willen we ook de komende 140 jaar voldoende en schoon drinkwater hebben in bestaande én toekomstige woon- en werkgebieden, dan moeten we nu beginnen met dat nieuwe systeem. Voordat je nieuwe grootschalige infrastructuur hebt liggen, ben je zo 10-20 jaar verder. Al die woningen die we nog gaan bouwen, moeten toch een drinkwateraansluiting hebben.’ 

 

 

Gerelateerde Artikelen