Experts prijzen aanpak, maar missen urgentie

Ontwerp-Nota Ruimte: ‘Belangrijke stap, maar nog veel onduidelijk’

Omgevingsvisie Circulaire economie Ruimtelijke economie Gebiedsontwikkeling Beleidsnota’s Infrastructuur en mobiliteit Landelijk gebied Verstedelijking Woningbouw
Een bedrijventerrein. Deze ontwerp-Nota Ruimte heeft meer aandacht voor werklocaties. Foto: Andre? Muller / iStock.com
Auteur ROmagazine.nl

26 september 2025 om 20:24, Leestijd ca. 6 minuten


De ontwerp-Nota Ruimte die het kabinet vandaag presenteerde, leidt tot gemengde reacties bij experts. Zij prijzen de integrale aanpak, maar missen urgentie, uitvoeringskracht en scherpe keuzes. 'Het glas is halfvol, maar mist nog inhoud.'

Een bedrijventerrein.
Deze ontwerp-Nota Ruimte heeft meer aandacht voor werklocaties. Foto: Andre? Muller / iStock.com

‘Ik denk dat er heel veel goede dingen in zitten die een antwoord geven op de vragen die ons nu bezighouden,’ zegt Gerwin Gabry, sociaal-geograaf en programmadirecteur Omgevingswet bij KuiperCompagnons. ‘Alleen wat ik toch nog een beetje mis is de urgentie, als ik zie voor welke enorme opgave we staan.’

‘De normen uit Kaderrichtlijn water gaan we bij lange na niet halen en ook de klimaatdoelen voor 2030 zijn vooralsnog buiten bereik, dan verwacht je een stuk wat nog meer een soort oorlogseconomie uitwasemt. En dat is voor de echte oorlogseconomie misschien wel het geval, maar niet als het om die urgente opgave gaat.’

Ook Friso de Zeeuw, voorzitter van de Adviescommissie STOER en emeritus hoogleraar gebiedsontwikkeling, vindt het stuk op onderdelen beter dan eerdere versies. ‘Dat ding van Hugo de Jonge vond ik eigenlijk prut. Daar gaf ik een cijfer 4 voor. We gaan nu naar een 6, vind ik, omdat het op verschillende punten een stuk concreter is.’

Toch wijst De Zeeuw op een ernstig tekort. ‘Het grote manco: er zit geen uitvoeringsagenda bij. En als je dat niet hebt – je zet een streep op de kaart die de Lelylijn moet voorstellen, terwijl het fonds daarvoor net geplunderd is – waar praten we dan over.  Dat is niet serieus te nemen.’

Wonen en werken in samenhang

Cees-Jan Pen, lector bij Fontys Hogescholen, noemt het positief dat wonen en werken beter in samenhang worden bekeken. ‘Ik zie veel: dat wonen en werken moet worden afgestemd, dat er rekening met elkaar moet worden gehouden. Volgens mij staat zelfs bij de drie initieerregio’s waar een schaalsprong mogelijk is, dat men eerst die economie op orde moet brengen.’

‘Dat is op zich winst. Dat zijn natuurlijk mooie woorden waarbij je je natuurlijk kunt afvragen – dat zal, denk ik, de meeste kritiek opleveren – hoe men dat dan ziet. Maar goed, laten we nou eerst maar even zeggen: het glas is halfvol.’

Gregor Heemskerk, partner bij TwynstraGudde, haakt kritisch in. ‘Wat mij opviel, zijn die drie nieuwe groeiregio’s die de Rijksoverheid aanwijst: Groningen, Assen, Twente en Zuid-Limburg. Bij mijn weten waren dat tot voor kort nog krimpregio’s. Die moeten dus van krimpregio naar groeiregio.’

'Groningen, Assen, Twente en Zuid-Limburg waren dat tot voor kort nog krimpregio’s. Die moeten dus van krimpregio naar groeiregio.’

‘En dan wil ik het gelijk hebben over de factor “werken”, want al duizenden jaren gaan mensen wonen waar er werk is – en niet andersom. Mensen trekken weg uit die regio’s vanwege onvoldoende werkgelegenheid. Dus ik ben heel benieuwd hoe de Rijksoverheid denkt een krimpregio te veranderen in een groeiregio met voldoende werkgelegenheid.’

Heemskerk is ook kritisch op het landbouwbeleid in de nota. ‘Er komt een afwegingskader voor het onttrekken van landbouwgrond. Dat lees ik als: er wordt geen landbouwgrond onttrokken tenzij het echt niet anders kan. Ik voel een afwegingskader in de vorm van een ladder van verstedelijking aankomen van: blijf van onze landbouwgrond af. Dat is weer extra regeldruk die woningbouw en nieuwe bedrijventerreinen moeilijker maakt.’

Grote structuren

Gabry mist op andere fronten vooral structuur en samenhang. ‘Wat je vooral wilt in zo’n landelijke visie, is dat die in woorden wordt gestoken op de grote netwerken. Ik zou eigenlijk nog wel wat meer willen zien: de grote structuren op het gebied van water, natuur, energie, en de echte infrastructuur. En dan heb ik het niet over een lijntje in het noorden van het land, maar een compleet aanvullend spoorsysteem in Nederland. Daar zie ik nog een beetje te weinig van.’

De Zeeuw noemt het positief dat het principe “water en bodem sturend” nu ‘wat meer realistisch’ is vormgegeven. ‘Het fanatieke is eraf.’ Tegelijk blijft de invulling volgens hem vaag. ‘Hoe dat dan moet gebeuren en die uitvoeringsagenda’s, ja, die zijn er niet.’

Pen sluit zich daarbij aan: ‘Ik ben niet voor een soort communistische centrale planning, maar er moeten wel duidelijke keuzes op Rijksniveau komen rond ruimte voor cruciale infra zoals datacentra, grootschalige circulaire hubs en logistieke hot spots die van nationaal belang zijn.’ 

Gabry benadrukt nog een gemiste kans: ‘Ik mis een plan zoals Sicco Mansholt dat had: nooit meer honger. Of 1953: nooit meer overstroming. Als je dat op een positieve manier brengt, kun je mensen op de banken krijgen. Dat hebben we nu echt nodig.’

Kwetsbaar

Vanuit de sector klinkt deels een ander geluid. WoningBouwersNL noemt de nota ‘een belangrijke stap’, maar ook ‘kwetsbaar’. Directeur Coen van Rooyen: ‘Wij zijn blij dat er meer gebieden worden aangewezen waar grootschalige woningbouw mogelijk wordt gemaakt. Dat is hard nodig om de woningnood aan te pakken.’

Tegelijkertijd waarschuwt hij voor politieke stilstand. ‘We moeten voorkomen dat onze ruimtelijke ordening de komende maanden een speelbal wordt van politieke partijen. Het is cruciaal dat gemeenten en provincies nu de ruimte, middelen en slagkracht krijgen om dit uit te voeren.’

Volgens Van Rooyen is plancapaciteit essentieel. ‘Voor de woningbouw is het essentieel dat er voldoende plancapaciteit beschikbaar komt. Dit kan alleen als Rijk, regio’s en marktpartijen samen optrekken. Wij roepen op om nu snel de volgende stappen te zetten, zodat we de plannen ook daadwerkelijk kunnen realiseren.’

Toekomstig verdienvermogen

Ook MKB-Nederland en VNO-NCW reageren positief. ‘De Nota Ruimte maakt helder waar de grote ruimtelijke opgaven liggen, zoals woningbouw, infrastructuur, energie, defensie, circulaire economie, watervoorziening, klimaatadaptatie, landbouw en natuur,’ schrijven de organisaties.

‘Voor ondernemers is van groot belang dat de Nota Ruimte de industrieclusters, campussen en bedrijventerreinen van nationaal belang beter beschermt: dat is essentieel voor ons toekomstig verdienvermogen.’

‘Voor ondernemers is van groot belang dat de Nota Ruimte de industrieclusters, campussen en bedrijventerreinen van nationaal belang beter beschermt.’

‘De ruimte voor economie bedraagt nu slechts 2,5 procent van Nederland. Om ook in de toekomst een weerbare economie te hebben, moeten bedrijven ruimte krijgen: fysieke ruimte én milieuruimte. Wij verwachten dat in 2050 4 tot 5 procent van het landoppervlak nodig is voor onze economie.’

‘Nieuwe woningbouwlocaties moeten daarnaast direct vanaf de eerste plannen worden gecombineerd met ruimte voor werkgelegenheid en bereikbaarheid. Want zonder werk of bereikbaarheid is woningbouw ook niet mogelijk.’

Pen sluit zich daar bij aan. ‘Ik ben het eens met werkgevers dat met de nota ruimtelijk economisch beleid en ruimte voor werken gelukkig weer helemaal terug is van weggeweest in de nationale ruimtelijke ordening. De nota gaat regionaal zorgen voor goede en noodzakelijke gesprekken over de regionale economie van morgen.’

Gerelateerde Artikelen
Schrijf u in voor de nieuwsbrief Elke week het laatste nieuws over ruimtelijke ontwikkeling in uw inbox.
Link gekopieerd naar klembord