EDICs focussen op opschaling en borging

'De EDIC realiseert wat je in je eentje nooit voor elkaar krijgt'

Data en digitalisering Smart City

Europees Parlement in Straatsburg. Beeld: AdrianHancu / iStock.com
Auteur Jan-Willem Wesselink

20 mei 2026 om 09:00, Leestijd ca. 9 minuten


De Europese Commissie kiest de komende jaren voor een nieuwe manier om innovatie te financieren. Niet langer alleen op zoek naar nieuwe ideeën, maar meer focus op opschaling en borging. Zoals in het digitale domein via EDICs. Jan Wester, directeur van de LDT CitiVERSE EDIC, legt uit hoe dit werkt.

Europees Parlement in Straatsburg. Beeld: AdrianHancu / iStock.com

Wie de afgelopen jaren Europese subsidies heeft aangevraagd voor bijvoorbeeld digitale innovatie, ruimtelijke ordening of klimaatadaptatie, herkent het patroon. Een consortium dient een voorstel in bij Horizon Europe, krijgt financiering voor drie tot vier jaar, voert het project uit, schrijft rapporten, presenteert op conferenties en daarna? 'Je ziet dat wat daar ontwikkeld wordt eigenlijk niet goed zijn weg vindt naar operationalisatie in de primaire processen', zegt Jan Wester, directeur van de LDT CitiVERSE EDIC. ‘Het blijft te vaak hangen in de pilotfase. Er is dan anekdotisch bewijs dat het werkt, maar geen structurele inbedding. Het zit volgens Wester dan nog op TRL-niveau 7, universiteiten en kennisinstellingen zijn tevreden, maar de gemeenten die het uiteindelijk zouden moeten toepassen, kunnen er vaak nog niets mee, en de innovatie wordt daarmee niet gebruikt in de primaire processen bij lokale overheden. De EDIC is een nieuw instrument van de Europese Commissie om dat te veranderen.


Eigenaarschap bij de lidstaten

Een EDIC is een juridische entiteit, opgericht door een besluit van de Europese Commissie op aanvraag van minimaal drie lidstaten. EDIC staat voor European Digital Infrastructure Consortium en richt zich op het ontwikkelen van een gezamenlijke Europese digitale infrastructuur. De zetel van een EDIC wordt gehost door een van de deelnemende landen, bij de LDT CitiVERSE EDIC is dat Valencia en het eigenaarschap ligt nadrukkelijk niet in Brussel. 'De deelnemende lidstaten zijn de eigenaren’, legt Wester uit. 'De Europese Commissie zet alleen de kaders en is een soort toezichthouder. ' Vijftien landen participeren nu in het CitiVERSE-consortium: België, Kroatië, Tsjechië, Estland, Frankrijk, Letland, Luxemburg, Portugal, Slowakije, Slovenië, Spanje, Nederland, Ierland, Italië en Duitsland. Polen en Finland hebben zich als kandidaat lid aangemeld. Wester noemt de EDIC een collectieve onderneming. 'De EDIC kan zaken realiseren die je in je eentje nooit voor elkaar krijgt. Je investeert als lid daarom in jezelf via de EDIC om dat samen te doen.’ Daarin heeft Nederland wel nadrukkelijk de lead genomen. De zetel mag dan in Valencia zijn, Jan Wester is een Nederlander en wordt vanuit het Ministerie van BZK betaald. Ook Geonovum en de G6-steden zijn nadrukkelijk betrokken. Die link met Nederland is logisch omdat Nederland een Europese koploper is via programma Zicht op Nederland en de NLDT.

Er zijn EDICs op uiteenlopende thema’s. De LDT CitiVERSE-EDIC (wat staat voor Networked Local Digital Twins towards the Citiverse) combineert digitalisering met ruimtelijke vragen en werkt aan een gedeelde Europese infrastructuur van digitale tweelingen waarmee steden en regio's de gevolgen van ruimtelijke keuzes kunnen doorrekenen vóórdat ze worden uitgevoerd. De EDIC brengt daarvoor drie technologieën samen: geodata, kunstmatige intelligentie en extended reality. Die worden vertaald in digitale tweelingen die woningbouw, klimaatadaptatie, mobiliteit en energietransitie met elkaar kunnen verbinden, op een gestandaardiseerde manier die over gemeente en zelfs landsgrenzen heen werkt. 'Veel bedrijven, maar ook startups en scale-ups, moeten nu alle gemeentes aflopen en die treffen bij alle gemeentes in Europa weer een ander inkoopproces aan', schetst Wester het probleem. De LDT CitiVERSE EDIC biedt een uitgebreid portfolio aan tools, diensten en faciliteiten en bouwt aan de infrastructuur die dat harmoniseert. 'we werken vanuit de EDIC o.a. aan de bouwblokken voor wat we noemen een open urban dataspace die we operationeel aan steden (ook de kleinere) aanbieden vanuit de EDIC-infrastructuur De data die je nodig hebt, die moet op een vertrouwde manier beschikbaar gemaakt kunnen worden en ook uitgewisseld kunnen worden op een interoperabele manier.'  In de integrale gebiedsontwikkeling, waarbij data over mobiliteit, energie, klimaat en gebouwen samenkomt, is dat de ontbrekende schakel. Daar kan dan op worden voortgebouwd door de EU LDT Toolbox die componenten aanbiedt voor de Digital Twins zelf. De bouwblokken zijn de afgelopen jaren ontwikkeld op basis van pilots in het Digital Europe programma en worden dus via de EDIC geoperationaliseerd.


 

Landschap van Europese financiering voor ruimtelijke projecten is volop in beweging
Nederlandse gemeenten en provincies kunnen voor ruimtelijke en digitale projecten putten uit meerdere Europese financieringskanalen. Die zijn allemaal in beweging. Een overzicht van het huidige MFK, het Meerjarig Financieel Kader van de Europese Commissie.
EFRO (Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling) is het meest directe kanaal. In september 2025 is voor het eerst betaalbare huisvesting als volwaardige investeringsdoelstelling opgenomen in de EFRO-verordening, naast energierenovatie en duurzame nieuwbouw. Nederland ontvangt 506 miljoen euro voor de periode 2021-2027, verdeeld over vier landsdelige programma's. In het nieuwe MFK 2028-2034 wil de Commissie veertien bestaande fondsen, waaronder EFRO en het Cohesiefonds, samenvoegen in één overkoepelend kader: de National and Regional Partnership Plans. Daarmee veranderen de EFRO-spelregels fundamenteel.
Interreg is de meest toegankelijke Europese subsidie voor grensoverschrijdende ruimtelijke samenwerking. Nederland ontving 378,6 miljoen euro voor de huidige periode 2021-2027. De lopende programma's (North-West Europe, Noordzee en Interreg Europe) zijn vrijwel gesloten voor nieuwe aanvragen. Interreg VII is in voorbereiding, maar de precieze voorwaarden en budgetten zijn nog onbekend.
Connecting Europe Facility (CEF) is ingrijpend veranderd. Van het voorgestelde transportbudget van 51,5 miljard euro gaat 17,5 miljard naar militaire mobiliteit. Dual-use infrastructuur, civiel én militair bruikbaar, krijgt voorrang bij de toewijzing van middelen.
InvestEU biedt geen subsidies maar leningen en garanties via de Europese Investeringsbank, bedoeld voor grootschalige gebiedsontwikkeling met private cofinanciering. Dat vraagt een fundamenteel ander verdienmodel van gemeenten en provincies dan de gebruikelijke subsidielogica.
Horizon Europe, het grootste Europese onderzoeks- en innovatieprogramma, staat voor grote veranderingen. Zie kader 2.


 

Sandbox

De EDIC vertaalt onderzoeksresultaten naar de dagelijkse praktijk van steden en regio's. Projecten gefinancierd via Horizon Europe of Digital Europe dragen hun producten en componenten over aan de EDIC. Wester: 'Die krijg ik overhandigd met de vraag er een duurzaam exploitatiemodel van te maken om te zorgen dat steden ze ook daadwerkelijk gaan gebruiken.' Om dat te kunnen doen test de EDIC die bouwstenen eerst in haar zogenoemde Sandbox Alliance, een netwerk van steden dat in de praktijk valideert of de technologie werkt en repliceerbaar is. Resultaten van deze validaties worden geharmoniseerd en uitwisselbaar gemaakt zodat steden Europees van elkaar kunnen leren en een basis ontstaat om impact te monitoren. Pas als een component die validatie doorstaat, wordt het als dienst aangeboden, direct of via private partijen onder concessie. Wester: 'Onze opdracht is operationalisatie, operationalisatie en nogmaals operationalisatie. Ik wil het eerst zelf valideren, kijken wat bruikbaar is, wat niet, feedbackloops creëren, zorgen dat het verbetert. Maar het moet uiteindelijk naar die primaire processen.'

EDIC vult hiermee een lacune in die al jaren bestaat in de wereld van Europese innovatieprogramma's, het valorisatieprobleem. De vertaling van de resultaten uit bijvoorbeeld Horizon Europe naar de dagelijkse praktijk liet volgens Wester namelijk te wensen over. 'Europa investeert veel in innovatie om maatschappelijke problemen op te lossen. Dat leidt tot interessante oplossingen. Maar om impact te hebben moeten we valoriseren. Moeten het naar de dagelijkse praktijk brengen.’


 

Drie financieringsstromen

Aan de collectieve onderneming die de EDIC is, zit geen einddatum. Een EDIC bestaat zo lang als de deelnemende landen vinden dat het nodig is. Ook de financiering is daarop ingericht. De opzet daarvan verschilt van EDIC tot EDIC. In de LDT CitiVERSE EDIC is gekozen voor drie inkomstenbronnen.

De kern van de organisatie wordt betaald uit vaste contributies van de lidstaten. 'Die vaste contributies die komen vanuit de ledenstaten en voor mij is één regel helder: de kernorganisatie van de EDIC, die wordt betaald uit die bijdragen uit de contributies van de landen.' Dat is het stabiele fundament: geen subsidierondes, geen projectaanvragen, maar een vaste bijdrage vanuit de landen. 'Ik vind dat dat ook echt begroot moet worden in de begroting van die landen', zegt hij. 'Dan gaat het langer mee.'
De bijdrage verschilt per land. Landen bouwen een nationaal ecosysteem met steden en regio's die deelnemen, en dragen afhankelijk van die schaal bij. Individuele steden kunnen ook direct lid worden voor 15.000 euro per jaar, maar daar is weinig belangstelling voor. ‘Steden hebben dan de neiging om dat geld terug te willen verdienen. Terwijl het bedoeld is als investering in zichzelf, dat zie je nooit zo een op een terug.’

Naast de ledenbijdrage is er een conditionele financieringsstroom, namelijk projectfinanciering en programmafinanciering voor specifieke activiteiten. Dit kan vanuit nationale programma's komen, maar ook vanuit Europese fondsen. In Nederland, waar vanuit het voormalige ministerie van VRO (nu onderdeel van BZK) wordt deelgenomen, ligt de focus bijvoorbeeld op integrale gebiedsontwikkeling. Wester wil daar ook in andere landen op inzetten. De focus ligt voor hem op ruimtelijke ordening, resilience, circulaire economie en digitale soevereiniteit.

De derde stroom bestaat uit inkomsten uit diensten en voor specifieke producten, faciliteiten of dienstverlening die de EDIC levert. ‘Sommige diensten zijn generiek en vrij toegankelijk, andere meer op maat en daar vragen we in de EDIC een kostprijs vergoeding voor.’


 

Horizon Europe krijgt een tweede editie, maar hoe is onbekend
Het Horizon programma is een van de bekendste kaderprogramma’s voor onderzoek en innovatie in Europa waarin ook ruimtelijke vragen worden onderzocht.  Er komt in 2028 een nieuwe editie van Horizon Europe, maar hoe dat wordt ingevuld is nog onbekend.
In Horizon Europe gaat 95,5 miljard euro, daarvan gaat 15 miljard naar het Cluster ‘Klimaat, energie en mobiliteit’. Ook de Missie Klimaatneutrale Steden, waar ook zeven Nederlandse steden aan meedoen, wordt betaald vanuit Horizon Europe gelden, net als de Missie Klimaatadaptatie. Daar gaat relatief weinig geld in om (220 miljoen voor de stedenmissie en 226 miljoen voor klimaatadaptatie in 2026-2027).
Nederlandse gemeenten zijn niet heel actief in het Horizon Europe verband. Kennisinstellingen en bedrijven doen meer. Volgens het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat ontvingen zij tot en met 2024 4,3 miljard euro vanuit Horizon Europe.
Daarbij krimpt het beschikbare budget de komende jaren. In 2025 is al 400 miljoen euro bezuinigd, in 2026 en 2027 komen meer bezuinigingen. Geld dat nu wordt ingezet voor defensie en industriepolitiek, passend bij de geopolitieke prioriteiten die ook het nieuwe Meerjarig Financieel Kader aansturen.
Het Commissievoorstel voor de nieuwe editie van Horizon Europe (2028-2034) is groter (175 miljard euro) dan de vorige en kent meer focus. De nadruk ligt op Clean Transition (25,3 miljard), Digital Leadership (16,8 miljard) en een fors opgeschaalde innovatiepijler. De klimaat- en stedenmissies blijven bestaan, maar moeten concurreren met defensie-gerelateerde thema's om budget. Europa volgt de wereldpolitiek en daarin zijn autonomie en weerbaarheid belangrijke thema’s.
Maar hoe het exact wordt is nog niet duidelijk. De onderhandelingen over het nieuwe MFK lopen naar verwachting door tot 2027, terwijl het huidige programma dan al afgelopen is. Die financieringskloof is voor lopende projecten een reëel risico.
Gerelateerde Artikelen
Schrijf u in voor de nieuwsbrief Elke week het laatste nieuws over ruimtelijke ontwikkeling in uw inbox.
Link gekopieerd naar klembord