We leven in interessante tijden, want veel (inter)nationale existentiële crises landen uiteindelijk op het bordje van de gemeente. Hoe gaan we om met klimaatverandering? Waar komt een nieuwe munitie-opslag? De perceptie van die crises is echter heel diffuus. In dit verband wordt in de filosofie onderscheid gemaakt tussen subjectieve en objectieve waarheid. Dat er verschillende subjectieve waarheden zijn, is één van de redenen om überhaupt aan participatie te doen. Het is dan ook terecht een van de sleutelwoorden in de Omgevingswet. We hebben echter een probleem als de objectieve waarheid c.q. wetenschappelijke overeenstemming, bijvoorbeeld over klimaatverandering, niet wordt gedeeld.
We hebben een probleem als de objectieve waarheid niet wordt gedeeld
Dat is bijzonder. Het kenmerk van wetenschap is juist, dat kennis niet willekeurig wordt vergaard, maar via gestructureerde wetenschappelijke methodes (systematisch onderzoek), dat onderzoeksresultaten controleerbaar moeten zijn door anderen (verifieerbaar en objectief) en dat theorieën worden getoetst en verbeterd (falsificatie; iets is waar totdat het tegendeel bewezen wordt). Dit maakt het tot een betrouwbare bron van kennis.
Bij klimaatverandering is niet alleen sprake van theorie, maar inmiddels ook een halve eeuw praktijk van ‘meten is weten’. En die wijst uit dat de klimaatverandering eerder sneller dan langzamer gaat dan de modellen aangeven: een wereldwijde temperatuurstijging van 1,5 graden wordt een decennium eerder gerealiseerd dan verwacht.
Biedt de Omgevingswet handvatten in deze? Eén van de belangrijkste passages van de wet staat in artikel 1.3 Ow: ‘Deze wet is met het oog op duurzame ontwikkeling, de bewoonbaarheid van het land en de bescherming en verbetering van het leefmilieu gericht op het in onderlinge samenhang bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit’. Klimaat doet er dus toe.
Verder is artikel 3.3 relevant: In een omgevingsvisie wordt rekening gehouden met het voorzorgsbeginsel, het beginsel van preventief handelen, het beginsel dat milieuaantasting bij voorrang aan de bron dient te worden bestreden en het beginsel dat de vervuiler betaalt. Het voorzorgsbeginsel heeft betrekking op situaties waarbij (toekomstige) aantasting van de fysieke leefomgeving nog niet wetenschappelijk bewezen kan worden, maar er wel indicaties zijn dat de aantasting kan ontstaan.
Het ontbreken van volledige wetenschappelijke zekerheid over het verband tussen een activiteit en de nadelige gevolgen mag niet worden gebruikt om maatregelen uit te stellen. Logisch, want als de NS bijvoorbeeld zegt dat de kans dat er een trein aankomt 40 procent is, blijf je ook niet op het spoor staan. Dus zelfs als het niet helemaal bewezen is, moet je er al wel naar handelen.
Parallelle objectieve waarheden in het debat toelaten, zal niet leiden tot meer draagvlak
Kortom, participatie en daarin open staan voor andere mening zijn essentieel. Parallelle objectieve waarheden in het debat toelaten zal naar mijn overtuiging echter niet leiden tot meer draagvlak. Het zal eerder de gezamenlijkheid ondermijnen en de volgende generaties veel ellende berokkenen.
En om de link met het onderwerp van deze uitgave nog te leggen: ik zie Europa als een paard. Dat weet van zichzelf ook niet hoe groot het eigenlijk is. Dus laten we de Green Deal niet afzwakken, maar kiezen voor ecologie én economie ... de nieuwe economie wel te verstaan.


