Groen is de plek waar de stad zichzelf ontmoet

Vergroening
Auteur Jos Gadet

03 juli 2026 om 09:00, Leestijd ca. 4 minuten

De laatste weken van juni werd Nederland en ook de rest van Europa ‘geteisterd’ door een ongekende hittegolf. Nieuwsmedia stonden vol van de hittestress in de steden, zoals in Parijs, waar aanmerkelijk meer mensen het loodje legden dan in minder tropische tijden. Deze momenten wijzen ons terecht op ruimtelijke maatregelen voor klimaatadaptatie, het verminderen van hittestress, en, en passant, het vergroten van de biodiversiteit. Het groen speelt hierin een ondubbelzinnig belangrijke rol.

Daarom zetten stedelijke overheden ook zwaar in op rigoureus vergroenen van de stad. In Amsterdam staat dit letterlijk in de Omgevingsvisie 2040, het nieuwe coalitieakkoord in Rotterdam ziet het als een belangrijk speerpunt, in Maastricht wil men in de naoorlogse uitbreidingsgebieden een stevige vergroeningsslag maken. 

Klimaatverandering, verdichting en de groeiende druk op de openbare ruimte maken duidelijk dat groen geen restcategorie kan zijn die overblijft nadat de gebouwen zijn ontworpen. Groen moet het vertrekpunt zijn. Zeker. Maar bij dit perspectief dreigt een belangrijke andere functie van het groen van tafel te worden geveegd: de gebruikswaarde van het groen. De klimaatopgave, de groeiende woningbehoefte en de verdichting van Amsterdam lijken soms tegenover elkaar te staan. Meer mensen betekent immers meer druk op de ruimte. Maar juist in een compacte stad is gebruiksgroen geen luxe; het is een voorwaarde voor leefbaarheid, levendigheid en brede welvaart.

Gebruiksgroen is geen luxe; het is een voorwaarde voor leefbaarheid, levendigheid en brede welvaart

Het Grote Groenonderzoek 2018 liet zien dat Amsterdammers, bewoners en ondernemers, hun groen zeer waarderen. Parken en plantsoenen zijn belangrijke plekken voor ontspanning en ontmoeting. Tegelijkertijd maakte het onderzoek duidelijk dat bewoners vooral behoefte hebben aan groen dichtbij huis. Niet iedereen zoekt een groot park aan de rand van de stad; veel mensen willen een groene straat, een buurtplein met bomen, een plek waar kinderen kunnen spelen, buren elkaar ontmoeten, je met je laptop kunt werken.

Daarmee krijgt groen een betekenis die verder gaat dan ecologie of klimaatadaptatie. Groen is publieke ruimte. Het is de plek waar de stad sociaal wordt. Een bank onder een boom, een grasveld waar jongeren samenkomen, een buurttuin waar bewoners samenwerken: dit zijn de plekken waar stedelijk leven ontstaat.

In dezelfde periode in juni als hiervoor beschreven fietste ik tegen half zes ’s middags langs de Weesperzijde in Amsterdam. Ik ben afgestapt om te turven wat er allemaal gebeurde. Ouders met spelende kinderen, joggende stadsbewoners, BBQ’ers, picknickers, terrasbezoekers, flanerende ouderen, roeiers, zwemmers, hondenuitlaters, jeu de boulers. Een parade der passanten op een strookje deels onooglijk deels verhard maar lommerrijke oever aan de Amstel.

Weesperzijde. Beeld: Jos Gadet

De kracht van groen zit niet alleen in het feit dat het verkoeling biedt of regenwater opvangt, maar in het feit dat het mensen uitnodigt, ook in tijden van hitte om buiten te zijn en elkaar te ontmoeten: deel te nemen aan het stedelijk leven van alledag.

De kracht van groen zit in het feit dat het mensen uitnodigt om buiten te zijn en elkaar te ontmoeten

Dat is misschien wel de meest onderschatte waarde van groen. Het groen is al lang geen groene oase meer. De essentie van steden is dat ze niet alleen uit gebouwen waarin mensen wonen bestaan, maar uit ruimtes waarin mensen samenleven. De kwaliteit van die ruimte bepaalt voor een groot deel hoe verbonden mensen zich voelen met hun buurt en stad. Een groene openbare ruimte kan verschillen tussen bewoners overbruggen: kinderen spelen er, ouderen ontmoeten er anderen, wandelaars kruisen er de route van forenzen. Groen maakt de anonieme stad menselijk.

Bij herinrichting van de openbare ruimte en bij het maken van nieuwe stedenbouwkundige plannen voor stadinbreiding – en transformatiegebieden is het vergroenen en gebruiksklaar maken van voor vrijetijdsmogelijkheden geschikte plekken een essentieel uitgangspunt.

Niet eerst de gebouwen ontwerpen en daarna kijken waar nog een paar bomen passen, maar beginnen met de vraag: welke groene plekken maken deze buurt leefbaar?

Vooral in versteende wijken ligt een grote opgave. Juist daar waar de hitte zich ophoopt en bewoners minder toegang hebben tot aantrekkelijke buitenruimte, kan vergroening het verschil maken. Maar ik in gebieden waar groen in overvloed aanwezig is het vergroten van de gebruiksfunctie essentieel. De vraag waarom er zo weinig mensen zijn waar veel groen is, is een kernvraag in de huidige ruimtelijke ordening in de stad. Want het gaat niet alleen om het aantal vierkante meters groen. Een groene ruimte die niemand gebruikt, mist een belangrijk deel van zijn betekenis. De kwaliteit zit in de combinatie van natuur en gebruik: een plek moet aantrekkelijk zijn om te verblijven, te spelen, te ontmoeten.

De groene stad is daarom niet alleen een ecologisch duurzame stad. Het is een sociale duurzame stad. Een stad waarin ruimte wordt gemaakt voor bomen én voor mensen. Want uiteindelijk is de beste groene ruimte niet de ruimte waar niemand komt, maar de plek waar de stad zichzelf ontmoet. Groen is daarin geen achtergronddecor, maar één van de belangrijkste publieke voorzieningen van de 21e-eeuwse stad.

Gerelateerde Artikelen
Schrijf u in voor de nieuwsbrief Elke week het laatste nieuws over ruimtelijke ontwikkeling in uw inbox.
Link gekopieerd naar klembord