De geest is uit de fles

| 8 oktober 2021

Werken met de Omgevingswet is niet ‘eenvoudig beter’, samenwerking is niet vanzelfsprekend en de te maken efficiëntieslag is niet bij voorbaat gerealiseerd. Dat ontdekte Henk Puylaert toen hij een cursus over de wet gaf.

Nu de invoering van de Omgevingswet dichterbij komt, neemt het aantal trainingen over de Omgevingswet toe. Recent mocht ik tijdens een training over ‘bodem breed adviseren’ voor bodemadviseurs van een omgevingsdienst een onderdeel verzorgen over ‘3D-ordening en de ondergrondregisseur’. Zo’n cursusochtend biedt geen representatief beeld van hoe we er nu voor staan met de Omgevingswet maar is wel illustratief. Ik deel drie waarnemingen die een zekere overeenkomst tonen met de decentralisatie in het sociaal domein. Het is niet ‘eenvoudig beter’, samenwerking is niet vanzelfsprekend en de te maken efficiëntieslag is niet bij voorbaat gerealiseerd.  

Eenvoudig beter

Wie is er niet voor ‘eenvoudig beter’, jarenlang de slogan en ambitie van de Omgevingswet? Een presentatie van een juridisch specialist over wat er verandert voor de bodem door de komst van de Omgevingswet zette me gelijk met beide benen op de grond. Er blijven heel veel regels! Voor een niet (juridisch) geschoolde planoloog komt het allesbehalve over als eenvoudig. Het overgangsrecht versterkt dit. Er is keihard gewerkt om hulpmiddelen voor praktijkmensen bij gemeenten en omgevingsdiensten beschikbaar te stellen zoals de websites van het Informatiepunt leefomgeving en Aan de slag met de Omgevingswet. Ook is er een wegwijzer Bodem in de Omgevingswet met nuttige informatie, maar met een zee aan doorverwijzingen dat een fan van ‘eenvoudig beter’ de moed direct in de schoenen zakt.

Een berg sectorale informatie, die alleen al door de omvang niet uitnodigt om hier grondig kennis van te nemen


De paradox is dat uitstel van de invoering van de Omgevingswet extra tijd levert om handreikingen en wegwijzers te ontwikkelen met een veelheid aan onderlinge doorverwijzingen. Een berg sectorale informatie, die alleen al door de omvang niet uitnodigt om hier grondig kennis van te nemen.

Schotten doorbreken

Het feit dat specifiek op de bodem gericht een training plaatsvindt, is legitiem als je beseft hoeveel regels er nog blijven voor dit onderwerp. Nadeel is dat de focus op de eigen wereld gericht blijft en de verbinding met andere beleidsopgaven en thema’s ondergeschikt is. Dat terwijl in de ondergrond, zoals als in de bovengrond, heel veel opgaven samenkomen. Feitelijk is het onderscheid tussen onder- en bovengrond niet zinvol. Het is een geheel: 3D-ordening. Die integratieslag is nog een eind weg. Dat geldt ook voor een andere integratie: de achterkant van de beleidscyclus (vergunningverlening, realisatie, gebruik, beheer, toezicht en handhaving) meer naar voren halen en de kennis benutten aan de voorkant van de cyclus (waaronder omgevingsvisie en omgevingsprogramma’s).

De (bodem)specialist bij de omgevingsdienst zit ver weg van een (extern ingehuurde) projectleider omgevingsvisie of omgevingsprogramma bij de gemeente. Voor het omgevingsplan geldt dit ook, maar daar zie je dat door de grote hoeveelheid regels dit al snel terugvalt in herkenbare thematische indelingen waaronder een thema bodem. Om ‘meer geïntegreerd’ in het omgevingsplan verder te laten komen dan het nietje door de thema’s blijft een grote uitdaging.  

Efficiencyslag gemeenten

De invoering van de Omgevingswet vraagt een zeer grote inzet van de gemeenten, waar de advieswereld wel bij vaart. Dat gaat de komende jaren niet veranderen, integendeel. De gemeenten hebben geleerd van de decentralisatie in het sociaal domein. De sigaar uit eigen doos (‘efficiënter dus goedkoper’) die hierbij ontvangen is, zal bij de decentralisatie in het ruimtelijk domein niet geaccepteerd worden. Elke tegenslag in de komende periode, en natuurlijk gaan die er komen, zal extra argumenten opleveren om de druk vanuit de gemeenten op het Rijk om de financiële bijdrage te verhogen voor de invoering van de wet. Hoe royaal is een nieuw kabinet?

De geest van de Omgevingswet heeft mijn sympathie, maar die lijkt uit de fles


De geest van de Omgevingswet heeft mijn sympathie, maar die lijkt uit de fles. Een geest uit de fles is oncontroleerbaar. In dit geval onvindbaar. Zwoegen met regels zuigt alle energie op. Als het thema ‘bodem’ illustratief is voor andere thema’s in de Omgevingswet dan is ‘eenvoudig beter’ nog ver weg. Ik vrees dat dit ook voor de invoering van de Omgevingswet geldt. 

Door Henk Puylaert, Adviseur bij H2Ruimte