Een nieuwe hit van ABBA

| 3 juni 2021

De overheid is dienstbaar aan de burger, met ruimte voor maatwerk en hardheidsclausules bij knellende regels. Aldus de nieuwe mantra van de politiek.

Zoals inmiddels gebruikelijk in de nationale politieke arena heeft overdrijving zich van het thema meester gemaakt. Voorbeeldje. Om aan te tonen dat ook het lokaal bestuur regels vaak hardvochtig toepast, leek een casus in de gemeente Wijdemeren een prachtillustratie. Een vrouw in de bijstand moest 7.000 euro terugbetalen omdat zij wekelijks een tas met boodschappen van haar moeder cadeau kreeg. In december 2020 kwam deze zaak in de publiciteit. In januari bleek dat deze vrouw niet alleen een auto, maar ook een dure motor bezat. En de buitenlandse vakantie was niet gemeld. De gemeente handhaafde haar terugvorderingsbesluit. Maar tot op de dag van vandaag doet deze zogenaamde ‘boodschappenaffaire’ het prima als afgrijselijk voorbeeld van onmenselijk overheidsoptreden.

Wat daarentegen buiten de publiciteit blijft, is de manier waarop de Sociale Verzekeringsbank (SVB) met gecompliceerde gevallen omgaat. De SVB, die jaarlijks 45 miljard euro aan onder meer AOW en kinderbijslag uitkeert, kan in 80 procent van de gevallen direct uit de voeten met wettelijke standaardregels. Met 20 procent is iets aan de hand, van fraude tot schrijnend nadeel.  Een klein deel daarvan komt in aanmerking voor een uitzondering op de standaard.
Daartoe heeft men in 2019 de Algemene Beginselen voor Behoorlijk Afwegen (ABBA) ontwikkeld. Om tot een verantwoord besluit te komen, hanteert de SVB een stappenplan ‘met denken en doen’, waarbij de bedoeling van de wet voorop staat en niet het letterlijke voorschrift. Een interdisciplinaire bespreking, een deugdelijke argumentatie, het vermijden van willekeur maken deel uit van de aanpak.

In deze hoek van het overheidsuniversum werkt een burgergerichte uitvoeringsorganisatie in de betrekkelijke luwte. Is daarvan leren niet eenvoudiger dan het hysterisch uitroepen van een culturele revolutie?      

Het ABBA-concept laat zich transponeren naar het omgevingsrecht

Het ABBA-concept laat zich transponeren naar het omgevingsrecht. ‘Behoorlijk afwegen’ en ‘behoorlijk afwijken’ passen in het leerstuk van ontslakken waarin maatwerk en de  uitzondering in het bestuursrepertoire zijn opgenomen. Denk aan parkeernormen, bouwhoogtes, functieverandering en duurzaamheidseisen. De integrale waardering van het voorgestelde project of gebiedsontwikkeling staan centraal, evenals de vraag: wat past op deze plek en wat vindt de omgeving daarvan? Wij vinden deze benadering ook terug in de Omgevingswet.

Succesvolle toepassing is gebonden aan een paar randvoorwaarden. In de eerste plaats: politieke wil en durf die zich niet laat stuiten door het alom aanwezige fenotype van de kan-niet-jurist. De inhoudelijke onderbouwing en argumentatie noemde ik al. De gemeenteraad en de bestuursrechter vragen ernaar. Zo wordt ook onbedoelde precedentwerking vermeden. Ongelijke behandeling van gelijke gevallen: daar zijn Nederlanders sowieso allergisch voor.

Gedegen maatwerk en afwijkingen zijn bewerkelijk en moeten alleen daarom al uitzonderingen blijven. Net als bij uitkeringen is in het omgevingsrecht de bulk langs gebaande paden af te handelen. Dan komt het vooral aan op vlotte dienstverlening.      

Friso de Zeeuw

Adviseur gebiedsontwikkeling en emeritus hoogleraar TU Delft