Samen circulair! De gemeente aan zet

| 30 september 2021

Nederland is circulair in 2050, zo luidt de landelijke doelstelling vanuit het Rijk. Decentrale overheden maken zich op voor actie. Malu Hilverink betoogt dat er nog veel te winnen valt en gemeenten steviger in hun circulaire schoenen moeten gaan staan.

Door Malu Hilverink, adviseur bij Over Morgen. Onder de titel Nieuwe Energie schrijven consultants van Over Morgen maandelijks in ROm. Rom is gratis voor ambtenaren en politici in het ruimtelijk domein, klik hier voor een abbonement.

Een sterk strategisch lokaal beleid zou zomaar het vliegwiel kunnen betekenen in de systeemtransitie naar een circulaire economie. Omdat de circulaire economie zo’n breed begrip is, liggen er bij de gemeenten specifieke uitdagingen. Ik maak er graag drie expliciet:

1. Geef invulling aan je eigen unieke rol als gemeente

Kader af waar circulariteit in de betreffende lokale context echt over gaat en waar de gemeente in staat is om daar zelf verantwoordelijkheid in te nemen. De ene gemeente heeft bijvoorbeeld meer slagkracht qua aantallen of het sturen op circulaire bedrijvigheid vanwege de ligging en de grootte. Een andere gemeente zal eerder impact maken door buitengebieden vrij te maken voor de productie van hernieuwbare grondstoffen. Het is daarbij van belang om duidelijke (sub)doelen te formuleren. Neem de MRA, die de ambitie heeft uitgesproken om in 2025 twintig procent in hout te bouwen. Door duidelijkheid te bieden en doelen durven te stellen, neem je als gemeente verantwoordelijkheid en bied je perspectief. Daar kunnen bedrijven vervolgens weer op bouwen en anticiperen waardoor we het circulaire vliegwiel aanzwengelen.

2. Samen kun je meer dan alleen

De circulaire economie maak je niet alleen. Het gaat om een systeemtransitie die verankerd moet worden in elke gemeente zelf, maar zeker ook het gemeentelijk niveau overstijgt. Daar zijn zowel bestaande als nieuwe netwerken voor nodig. Als gemeente is daarom belangrijk dat je aansluiting zoekt bij andere (buur)gemeenten, regionale verbanden en de provincie inclusief bijbehorende bedrijven en kennisinstellingen. Op die manier kunnen we opschalen, versnellen en kringlopen sluiten. Zoals Regio West-Brabant die met haar zestien gemeenten en partners in bedrijfsleven en onderwijs de krachten hebben gebundeld en gezamenlijk circulaire doelen hebben vastgesteld.

3. Elke stap is er een, hoe groot of klein ook

In de transitie naar nieuwe dingen is het vooral belangrijk om in beweging te komen en blijven. En met elke stap groeien we als maatschappij samen naar die nieuwe circulaire economie. Door doelstellingen te laten landen in uitvoeringsprogramma’s en actieplannen vindt er daarnaast bestuurlijke borging plaats waardoor de lokale politiek meer grip krijgt op het circulaire thema en het meer gaat leven. Door bij de ontwikkeling van deze programma’s stakeholders een actieve rol te geven, komt de publiek-private samenwerking van de grond. Ook komt monitoring van de voortgang hierdoor logischerwijs op tafel.

Alle genoemde punten vragen om visie en lef. Zonder die ingrediënten gaat de circulaire economie niet verder ontwikkelen. Dus, gemeenten, begin, leer en zet dan weer een volgende stap.